![]() |
Van de straat, zo ver vannacht.
Haar wilde haren vol van vuil en nat,
sluimerend, verdwaald tussen de daken. Moedig triest, geen letter kon haar raken, ze voelde niets, bezeten en bezat. Een zondeval, spontane golf van braken, tot zij haar overgave had gehad. Verloren eenzaam, tranend in de stad dwangmatig bang, geen man zou haar bewaken. Onzekerheid is ieder zwijgers wapen, verborgen tussen trotse angst en macht versmaadt het zich aan één zo’n jongedame. Wie drinkt verslaat zichzelf en wint aan kracht, al mag geen dwaas zich daar nog aan vergapen, wij blijven dapper slaven van de nacht. |
*sigh* :(
Je weet t wel :P. |
mooi, knap gedaan (y)
|
dwangmatig bang, geen man zou haar bewaken.
Hier vind ik het tweede deel van de zin niet zo geslaagd. Voorderest; mooi gedicht. (y) |
bezeten en bezat
Datsoort dingen vind ik echt goed, net als het 'tot zij haar overgave had gehad'. Mooi hoe je met de woorden omgaat. Ik vind het, ik geloof in tegenstelling tot mutant, wel leuk dat je in sonnet (toch?) vorm schrijft. |
Citaat:
Dank voor de reacties, en Paris: wat is er niet goed aan het tweede gedeelte :)? De woordkeus, het ritme of..? |
Alle tijden zijn GMT +1. Het is nu 17:45. |
Powered by vBulletin® Version 3.8.8
Copyright ©2000 - 2025, Jelsoft Enterprises Ltd.