mathfreak |
09-09-2003 19:15 |
Citaat:
anderssi schreef op 07-09-2003 @ 18:42:
Ik moet een vectorvoorstelling in coordinaten geven van de lijn m, die door punt A (0, -1) en punt B (-2, -1) gaat.
Ik kom uit op x = (0, -1) + λ(-2, 0), maar klaarblijkelijk moet het x = (0, -1) + λ(1, 0) zijn :confused:
En hoe kan ik vervolgens het snijpunt van die lijn bepalen met de x1-as?
|
Omdat m door A gaat is vector OA=(0,-1) de steunvector van de lijn. Omdat m ook door B gaat is vector OB-vector OA=(-2,-1)-(0,-1)=(-2,0) de richtingsvector van m. Vereenvoudiging door delen van de kentallen door 2 geeft een richtingsvector (1,0), zodat de vectorvoorstelling van m gegeven wordt door x=(0,-1)+λ(1,0).
Om het snijpunt van m met de x 1-as te bepalen ga je uit van de vectorvoorstelling van m. Een punt P van m wordt dan gegeven als
P=(λ,-1). Om het snijpunt met de x 1-as te vinden stel je de tweede coördinaat van P nul. Omdat dat hier niet mogelijk is volgt daaruit dat m geen snijpunt met de x 1-as heeft, wat ook volgt uit het feit dat m evenwijdig met de x 1-as is. Dit kun je zien omdat het lijnstuk AB evenwijdig loopt met de x 1-as.
|