Registreer FAQ Berichten van vandaag


Ga terug   Scholieren.com forum / Kunst & Cultuur / Verhalen & Gedichten
Reageren
 
Topictools Zoek in deze topic
Oud 09-07-2003, 19:58
Twijg
Avatar van Twijg
Twijg is offline
Proloog
Er was niets dan duisternis, dat zich uitstrekte over de kale vlakte. En daar, helemaal aan het begin, waar het licht overging in duisternis, waar de grenzen zich verstrekten, van liefde naar kwaad en wanhoop, stond een jonge Elf. Zijn zwarte haren, werden zachtjes meegevoerd door de koude wind, die ieder koude rillingen zou bezorgen. Ieder met een hart. Hij hief zijn hand boven zijn donkere ogen, waarin een zekere wanhoop te lezen was, en tuurde over de kale vlakte. Hij had een keuze, nu hij zich nog op de grens bevond. Hij kon terug gaan, naar het warme vertrouwde licht, van zijn wereld die niet langer zijne was, of hij kon zijn verbitterde geest verplaatsen naar het koude duister, dat hem vreemd was. Hij dacht niet na, dat vermogen begon te verzwakken, zijn eeuwenoude wijsheid werd vervangen door een kwaad, een wezen met de macht van het duister. Hij nam een keuze, en plaatste zijn beide voeten op de donkere aarde van een verdorven wereld, waar hij de schepper van was. Hij voelde brandende haat van zijn geest bezit nemen, terwijl een koude mist zich door zijn lichaam verspreidde, en al het goede in hem doodde. Zijn bleke huid voelde kil aan alsof er geen leven meer in hem was, alsof zijn bloed niet langer door zijn aderen stroomde. Maar hij keerde niet terug naar het licht, hij lachte. Hoog en kil, zonder plezier, een dode lach. Zijn volk, waarvan hij gehouden had, met heel zijn hart, had hem verstoten. En nu, terwijl hij zich liet overmeesteren door een kwade macht, zwoer hij, dat hij zich zou wreken. Hij, Angaráto Elanessë, heerser van de kwade wereld, dienaar van het duister, zou zich wreken, op zijn volk. Hij had niet langer het vermogen lief te hebben, het kwaad had bezit genomen van zijn geest, hij had niet langer een hart, geen ziel. Hij was heerser van het duister, meester van puur kwaad.


Ergens, dwaalde een hogere macht zonder vaste vorm over de kale vlakten van het duistere land, en glimlachte genoegend. Hier had hij op gewacht, zijn hele leven, zijn hele eenzame bestaan. Hij had gehoopt op een nieuwe schepper van zijn wereld, hij had gebeden tot zijn meester, de allerhoogste Heer, wakend in zijn duistere rijk hoog boven het land, gesloten voor het oog van ieder wezen. En zijn kwade gebeden, zijn bloedige offers, ze waren verhoord. Zijn Heer had hem niet in de steek gelaten. Vele wezens had hij geofferd, bloed van onschuldige wezens kleefde aan zijn handen, en het was gruwelijk. De gedachten aan zijn slachtoffers, lijdend van de helse pijnen, schreeuwend om genade, om de goden die hen in de steek lieten, en hun lichamen, die het begaven, die de dood vonden, door zijn handen, zijn werk, deed hem rillen van puur genot. Hij was kwaad, hij was puur kwaad. Hij nam een vaste vorm aan, om zijn slachtoffers te kunnen laten lijden, en ze van hun miezerige levens te kunnen beroven. Het laatste slachtoffer was hem bij gebleven, het was een mens. Een klein meisje, verzonken in haar nachtmerries, badend in het zweet van angst. Hij kon het ruiken, haar angst, haar onschuld. Hij had in haar ogen gekeken, en zag de doodsangst die ze doorstond. Even, een fractie van een seconde, had hij medelijden met het kleine meisje gevoeld, even voelde hij de pijnen van een mens. Maar het kwade drukte het gevoeld dat in hem opkwam de kop in. Hij had het meisje gedood en haar levenloze lichaam in zijn armen gehouden. Hij had naar de blonde krullen gekeken, de blauwe ogen, vervuld met kinderlijke onschuld, en even voelde hij een band met het kleine meisje. Een band, die mensen, met een hart zouden onderscheidden als familie, broer en zus. Even wilde hij de hoop opgeven, dat zijn rijk zou herreizen, en met het meisje meegaan naar een wereld waar doden heen gingen. Maar nu was zijn wereld ontdekt, gevonden door een zwakke prooi, en het kwaad had hij doen ontwaken. De jonge Elf, zou een rijk stichtten, en kwade volgelingen werven. Hij zou heerser, terwijl de haat zijn identiteit zou verbergen. Dat wist hij zeker. Hij had de zwakke prooi geroken, zijn woede en zijn wanhoop, en stelde zijn duistere wereld bloot aan de ogen van de Elf. Hij, was heerser geweest van de wereld van het kwaad, maar zijn lichaam was hem ontnomen. Sin Mea, Godin van het goede, nam die van hem weg. Zijn ziel had hij lang geleden verloren, en hij had geen ziel nodig, hij kon niet meer voelen. Hij voelde geen angst, geen pijn, en geen medelijden. Hij toonde geen genaden, als hij wezens offerde aan zijn Heer, hij kende geen genade. Maar hij kon ook geen liefde voelen, geen genegenheid en geen blijdschap. Hij was leeg van binnen, alles wat hij over had was de kwade macht die in hem school.Ooit, was hij mens geweest, had een leven gehad, en had het vermogen lief te hebben. Maar nu, was hij een wezen, zonder lichaam, zonder hart en ziel, maar kwader dan ieder ander. Dit, was nu zijn thuis, een duistere vlakte, gehuld in een zwarte mist, en zonder horizon. Zijn rijk had geen grenzen, het was overal, en ook weer nergens. Ooit was het bewoond geweest, hadden er wezens geleefd die hem dienden, en vochten aan zijn zijde in oorlogen, gevechten tussen goed en kwaad. Maar zij stierven, allemaal, een voor een vonden zij de dood. Zijn wereld was verguld van dood, dolende zielen, en verdorven geesten. En nu, was het tijd om zijn wereld te herstellen, nieuw leven in te blazen. Hij zocht een nieuwe leider, een koning, van zijn wereld. En die, had hij nu gevonden. Zijn gevallen rijk, zou wederom worden opgebouwd, en het kwaad zou geschiedden.
Met citaat reageren
Advertentie
Oud 09-07-2003, 19:59
Twijg
Avatar van Twijg
Twijg is offline
Hfd. 1

Lourdes, liet zich op haar bed vallen, en zonk weg in een wereld van zachte kussens. Ze wilde haar ogen sluiten, en dromen, weg vluchtten uit haar wereld, naar een wereld van haar fantasie. Maar tegenstrijdige gevoelens, drongen haar bewustzijn binnen. Ze kon gaan slapen, en alles om haar heen vergeten, wat de makkelijkste manier was, maar ook de lafste. Als ze haar diploma wou behalen, zou ze moeten leren, zich verdiepen in een wereld van boeken, en onmenselijk ingewikkelde wiskunde sommen. Misschien kon ze heel even, een paar minuutjes maar even haar ogen sluiten die zwaar waren van de slaap. Ze had al dagen slecht geslapen van de zenuwen voor haar examens. Ze moest dit goed doen, wou ze slagen. Net toen ze besloten had, maar even te gaan liggen, drongen een geluid haar oren binnen, dat haar er van weerhield, te verdrinken in een rusteloze middagslaap. Ja hoor, de familie was thuis. Dat betekende geen rust, tot morgenvroeg. Ze kon maar niet begrijpen, hoe haar familie zo groot kon groeien. Ze had twee kleine broertjes, een tweeling, drie zusjes, en ook nog eens een oudere broer en zus, die overigens niet meer thuis woonden, tot grote opluchting van Lourdes. Kilian, en Joshua, de tweeling, hadden net hun derde verjaardag achter de rug, en zaten in een Nee, doe ik niet, Nee wil ik niet, Lekker puh, fase, wat erg op de zenuwen van het hele gezin werkte. Haar drie zusjes, Sterre, van zeven, Kim van tien, en Amber van dertien, waren over het algemeen een stuk makkelijker handelbaar. Al liepen ze altijd ongevraagd de badkamer in, en was Lourdes vaak haar kleren kwijt, die ze later terugvond in de kamer van een van de meisjes. Maar ze was er aan gewend geraakt, na al die jaren. En ze hield ook wel van ze, allen konden ze soms al het bloed onder haar nagels vandaan halen. Beneden was het een ontzettend herrie, dus de optie om te gaan slapen, was vervlogen. Dat zat er niet in meer in, tot na tienen, als alle kinderen op bed lagen. Ook leren kon ze niet met al dat lawaai, dus ging ze maar naar beneden, om te kijken of ze haar moeder nog kon helpen, die soms nogal paranoïde werd, van al die kinderen. Sterre, Kim, en Amber zaten met z’n drieën voor de tv, en leken daar helemaal in op te gaan. De kleine tweeling, zaten aan de tafel in de keuken, en vinden het nodig om de hele keuken mee te laten genieten van hun eten. Haar moeder, was opgehouden met dweilen, omdat het geen zin bleek te hebben, want de vloer werd steeds opnieuw bespat. Lourdes glimlachte naar haar moeder, die er afgepeigerd uitzag. ‘ mam, zal ik even thee voor je zetten?’ Nee, geen commentaar, ga lekker even op de bank zitten, de thee komt er zo aan’ Ik zorg wel voor de tweeling, maak je geen zorgen’. De twee kleine jongens zagen er precies gelijk uit, met hun roestbruine krullen, en helderblauwe ogen, maar in karkater waren ze totaal verschillend. Kilian, was ontzettend druk, en had altijd een grote mond, terwijl Joshua een echte dromer was, en nooit meer zei dan nodig was. Toen ze de keuken binnen kwam, waren ze klaar met eten, en ook opgehouden met de vloer te bespatten met pap. Lourdes pakte een doekje, en veegde alle pap van de vloer, terwijl de tweeling een gesprek in hun eigen taaltje voerden. ‘ Ja, jongens, jullie mogen zo lekker naar bed’ Kom, zei ze, terwijl ze zich naar Kilian richtte, jij eerst. Tot haar verbazing liet hij zich zonder enig protest meevoeren naar het kleine kamertjes, die de tweeling samen deelden. Ze kleedde hem uit, trok zijn pyjama aan, en legde hem in zijn kleine bedje. Vervolgens haalde ze Joshua uit de keuken, en legde hem in het bedje naast die van Kilian. ‘ haaltje lese’ klonk het vanuit het bedje van Kilian. Lourdes zuchtte. ‘ Nou vooruit dan maar, een klein verhaaltje, en dan gaan jullie slapen’ Ze pakte een boek van de plank, en bekeek de kaft. “Baccelientje” las ze. Het plaatje toonde een klein meisje in een gele pyjama. Ze begon te lezen. Halverwege het verhaaltje, waren allebei de jongens al verzonken in een diepe slaap. Lourdes vroeg zich af, waarover ze zouden dromen. Over auto’ s of monsters, draken of prinsessen? Ze had geen idee, van wat er in de kleine hoofdjes van ze omging, en misschien was dat maar beter ook. Dromen, zijn dromen, en ze zijn van jou alleen. Ze verliet de kamer van de jongens, en ging naar die van haar, aan het einde van de gang. Ze liet zich op haar bed vallen, en verdronk opnieuw in de wereld van kussens, die ze op haar bed had opgesteld. Het duurde niet lang, of ze sliep. Haar gedachten tolden, door haar hoofd, en probeerden op orde te komen. En langzaam, zakte haar geest weg, van haar bewustzijn, en nam de weg naar een heel andere wereld. Een wereld van dromen, van fantasie.
Met citaat reageren
Oud 09-07-2003, 19:59
Twijg
Avatar van Twijg
Twijg is offline
Hfd. 2 De eerste wereld

Lourdes keek in de rondte, en ze leek zich in een heel ander omgeving te bevinden dan thuis, in haar kamer. De omgeving leek in de verre verte niet op haar kamer, die zich tussen vier muren bevond. Nu stond ze in een vallei, met om haar heen een uitgestrekte groene vlakte, een oneindige horizon. Hoge, bomen met limoen groene bladeren, zwiepten zachtjes in het ritme van de wind, en het geluid leek te zingen. Hoog aan de hemel brandde de zon, die met haar felle stralen de aarde verwarmde. Hoewel Lourdes zo-even in diepe slaapwas geraakt, was ze nu wakker. Ze voelde een hevige drang naar eten in haar opkomen, en kon bijna heerlijke geuren ruiken, die de wind met zich meevoerde. Ze staarde als verdoofd de vallei over, en vroeg zich enigszins wanhopig af, waar ze was, en hoe het kon dat ze enkele minuten geleden op haar bed had gelegen, en nu hier stond. Sommige dingen bleven een raadsel. Lourdes voelde dat er iemand naar haar keek, maar toen ze om zich heen tuurde, zag ze niemand. Verbaasd haalde ze haar schouders op. ‘ Hier benenden, stomkop’, klonk een stem naast haar, enigszins beledigd. Lourdes zag een kleine, dikke man, met een kalend hoofd, en een dikke buik. Hij droeg een klein donkerrood vest, met goude glanzende knopen, en een zwarte broek, die met bretels op zijn plaats werd gehouden. Hij keek Lourdes enig boos aan, maar glimlachte al snel weer. ‘ Ik, ben Dimple, persoonlijke dienaar, van Koninklijke Hoogheid, Linwë Séregon’. Toen lourdes hem verbaasd aan keek, schudde hij zijn dikke hoofd. ‘ je weet het niet, je weet het niet. Ik had je een boodschap gestuurd, maar nanne, is er zeker vandoor gegaan. Dat doet hij nou altijd! Waarom ik hem nog in dienst heb, weet ik zelf ook niet’ zei hij meer tegen zichzelf dan tegen Lourdes. ‘ Pardon, maar wie is Nanne’? vroeg ze Dimple. ‘ Maar hij liep weg, nog steeds mompelend in zichzelf en scheldend op nanne, die nooit iets goed scheen te doen. en scheen het er niet over te willen hebben. ‘ Volg mij’ was alles wat hij zei. Dus Lourdes liep achter hem aan, in de hoop iets van de heerlijke geuren op te kunnen vangen, die haar tegemoet kwamen zweven. Sinds ze hier was, had ze een vreselijke honger, en ze smakte naar iets te eten. Ze vroeg ze niet langer af, wat ze hier deed, en wat een vreemde droom dit was. Want het beeld dat in de verte opdoemde, en haar ogen deed verblindden, liet iedereen de wereld om zich heen vergeten. Een paleis, van het mooiste witte marmer, dat licht leek te geven in de stralen van de zon. Een heel complex, met een doolhof van torens, en balustrades vervuld van bloembedden. Het deed Lourdes denken aan een sprookje, aan de verhalen van ridders en jonkvrouwen. Maar nooit, in welke fantasie dan ook, had iemand, zich ook maar een voorstelling kunnen maken van de verblindend schoonheid van het paleis. Ook Lourdes niet. Ze hoorde muziek, zacht en deinend, als een harp met haren van een eenhoorn. En hoge, zuivere tonen, werden een met het geluid van de harp, en alles gaf Lourdes een gevoel alsof ze in een sprookje was beland, een sprookje dat ieders fantasie ver te boven ging. Zo ook de hare. Ze liet zich meevoeren in de richting van het paleis, en ze voelde zich betoverd. Ze leek te zweven op de muziek, en voelde de grond onder haar voeten verdwijnen en plaats maken voor zilverblauwe wolken, die haar optilden, hoger en hoger. De deur van het paleis, bestond uit hetzelfde lichtgevende marmer, maar met een hemelsblauwe kleur, als wolken op een zomerse dag. Dimple klopte op de deur, en zelfs dat geluid, leek te klinken als muziek. Het hele paleis leek te zingen. Voorzichtig, en bang om ook maar iets te beschadigen van het prachtige gebouw, stapte Lourdes de grote hal binnen. Aan beide kanten werd ze begroet door twee engelen, met enorme vleugels op hun rug, en lichamen die op leken te gaan in het marmer, omdat ze een ivoor kleurige huid hadden. De schoonheid van buiten, leek in het niets te vervallen, met de schoonheid van binnen. Het was onbeschrijfelijk.
Met citaat reageren
Oud 09-07-2003, 20:00
Twijg
Avatar van Twijg
Twijg is offline
De engelen, die zonet nog bijna onbeweeglijke naast de deur hadden gestaan sproken tegen Dimple, met zangerige stemmen, die fluisterden, zo zacht dat je het niet verstond als je niet heel erg goed luisterde. Lourdes probeerde om wat van de woorden op te vangen, die de twee engelen sproken, maar ze had het al snel opgegeven, want de twee bleken in een eigen taal te spreken, net als de tweeling vaak deed. Hoe vreemd alles ook was, Lourdes was niet bang, ze dacht er niet bij na. De schoonheid van de wereld, betoverde haar volledig. Ze wist dat dit slechts een droom was, en ze wou er van genieten, zolang het nog kon. Straks zou ze wakker worden, haar hoofd uit de kussens halen, en zich afvragen wat ze gedroomd had. Maar ze leek niet te dromen, alles leek echt, alsof ze er echt was. Maar ze wist dat dat niet kon, dat was onmogelijk. Ze bleef zichzelf voor houden, dat ze zo wakker zou worden. Ze bekeek de grote, ruime en zeer lichte hal, waar ze zonet waren aangekomen. Het paleis was van binnen van hetzelfde witte lichtgevende marmer, dat straalde, en een witte gloed over haar gezicht verspreidde. Er liep een grote trap, naar boven, hoger het paleis in, waar dezelfde personen als Dimple op een neer liepen, met wasgoed, en grote schalen in hun kleine handen. Waarschijnlijk waren dit bedienden, bedacht Lourdes. Terwijl ze zich stiekem afvroeg, wat er boven was, zag ze iets donkers in een hoek naast de trap. Haar ogen schoten er heen, en heel even leek ze een zwarte vlek te zien, terwijl een hoge, kille lach, zonder enige vreugde haar oren binnen drong. Maar binnen een seconde was het weer verdwenen, en Lourdes vroeg zich af of het er wel ooit geweest was. Natuurlijk kon het gewoon een bewoner van het paleis zijn, maar het was duister, en zoiets behoorde niet in het lichte gebouw. Het waren allemaal droombeelden, hersenspinsels van haar vermoeide brein. Haar hersenen waren overwerkt, door al dat studeren, daar zou het door komen. Waarom ze zich er druk over maakte, wist ze zelf ook niet.
Meteen toen ze haar gedachten afwendde van de zwarte vlek bij de trap, scheerder er iets over haar hoofd. Het leek een vogel te zijn, die een hoog, maar zingend geluid voortbracht. De herhalend rustgevende tonen van het lied, maakte Lourdes slaperig. Even verdween de vogel uit het zicht, maar hij draaide zich om en vloog terug. Weer zong hij hetzelfde lied, waardoor Lourdes bijna werd gedwongen haar ogen te sluiten, en zich op de vloer te laten vallen, die er opeens uitzag als een groot wit kussen. Heel even werd alles zwart voor haar ogen, en sloot ze die. Ze voelde hoe iemand haar door elkaar schudde, ergens bij haar middel. Met een vaag gevoel in haar hoofd, opende ze langzaam haar ogen, en zag dimple onder haar staan, die haar probeerde wakker te schudden. ‘Oh, vrouwe, u bent er weer’ Lourdes, die zich verwonderd afvroeg of ze ooit was weg geweest, keek hem aan met een verbaasde blik in haar ogen, die nog steeds niet wilde luisteren, en bijna dicht vielen. ‘ die vervelende vogel ook altijd, hij schopt alles in de war’ zijn iele stem klonk erg kwaad. ‘ehm, mag ik soms vragen wat dat wasvroeg Lourdes. ‘ dat is een Maanvogel.
Met citaat reageren
Oud 09-07-2003, 20:01
Twijg
Avatar van Twijg
Twijg is offline
Een vogel, met een lange, sierlijke staart, met turkooizen veren. Alleen zijn staart is gekleurd, de rest van hem is een met de kleur van ons paleis. Als je het ziet vliegen, is alles wat je ziet een turkooize streep, door de lucht. Maar onderschat zijn schoonheid niet. Hij is weliswaar mooi, maar niet erg vriendelijk. Het is een dief, Vrouwe. Zijn lied, laat ieder wezen, verzinken in een diepe slaap, en je kunt je er niet tegen verzetten. Je moet slapen. En als hij iedereen in slaap heeft gezongen, gaat hij op zoek naar kostbare schatten, hier in het paleis, of elders, en neemt ze mee, naar zijn rijk. Het is een vreselijk wezen, hij maakt ieder arm. Hij heeft ons paleis zo vaak overvallen, dat we er zelf iets tegen hebben gevonden. Elke keer als hij kwam, viel al het personeel in slaap, waar het ook was. Vele van hen werden wakker onderaan de trap, of in het eten. Maar weet je, ze kunnen niet tegen Engelen! Dus wij hebben enkele engelen in ons paleis gevraagd, en zij wilden ons graag helpen. We hebben lange tijd geen last van ze gehad, dit is weer voor het eerst. Misschien dat jij er niet tegen kunt, omdat je mens bent. Dat is mogelijk. Ach, je blijft toch maar even, dat kan geen kwaad’ Lourdes liet zich bedelven onder de stroom van woorden, van Dimple, en probeerde alles te onthouden. Hij sprak nooit een woord, maar als hij praatte, deed hij dat ook aan een stuk door, of het nou nuttige informatie was, of de plaatselijke roddels, maakt hem niet uit. Lourdes werd zijn woordenstroom al snel zat, en besloot in het paleis rond te gaan kijken, terwijl Dimple aan het praten was. Ze liep naar de trap, en zag dat bovenaan de lange trap, een hal was. Er hing een groot schilderij, een zoals Lourdes nog nooit gezien had in haar wereld. De kleuren leken te leven en te stralen op het doek, zodat het schilderij een groot magisch tafereel was. Lourdes dacht aan de kunstgalerie die ze ooit samen met haar moeder bezocht had. Lange gangen, waar geen einde aan leek te komen, gevuld met kunstwerken en schilderijen van landschappen of mensen, maar ook met abstracte kunst, zoals de werken van Mondriaan, of Karel Appel. Maar geen van de prachtigste schilderijen die ze daar gezien had, was zo bijzonder en mooi als deze die hier boven in de hal hing. Een vrouw, met een vriendelijk en open gezicht keek lachend naar beneden, en leek Lourdes aan te kijken, vanaf haar plekje boven aan de trap. Ze had vuurrode haren, die krullend over haar schouders hingen, en een gouden glans hadden, alsof de zon er op scheen. Haar ogen waren amandelvormig, en de kleur was als het mooiste groen, dat ze ooit gezien had. Een kleur die Lourdes in haar wereld niet kende, maar haar deed denken aan een regenwoud, een kleur die bestond uit duizenden kleuren, en samen een waren. Haar lippen waren vuurrood, net als haar haren, en waren perfect vol en sierlijk. Kleine, oranjekleurige sproeten bedekten haar neus, en een gedeelte onder haar ogen, en gaven haar een enigszins kinderlijk aanzicht. Haar gezicht leek een onvoorwaardelijke goedheid en liefde uit te stralen. ‘Je hebt haar al opgemerkt zie ik’, klonk de stem van Dimple. ‘Wie is het’? vroeg Lourdes hem. Dimple, die blij was dat hij iemand gevonden had die naar hem wilde luisteren, begon te vertellen. ‘Dit, zei hij, is Sin Mea. Hij sprak de woorden uit alsof ze van breekbaar glas waren, en elk moment kapot kon vallen. ‘Zij is de Godin van het Goede, heerseres van de liefde en tederheid in onze harten. Ze schenkt ons het vermogen om lief te hebben en om te kunnen voelen. Geen enkel wezen met kwaad in zijn ziel, kan naar het schilderij kijken. Het verblind wezens die kwaad zijn met haar goedheid en liefde. Je zult niets meer kunnen zien, voorgoed blind zijn. Ze leid elke koning en koningin in dezen wereld. Je zult misschien wel merken, dat iedere wereld, een koning of koningin heeft. Zo hebben wij hier onze koningin, en het is goed dat ik aan haar denk, want ik moet je nog aan haar voorstellen.’ Lourdes wendde haar blik af van de ogen die haar onafwendbaar aan bleven staren, tot ze de verschillende groen tintten bijna kon onderscheidden, en duizelig begon te worden. Een zachte, hese stem fluisterde, bijna onhoorbaar. Het was een breekbaar geluid, meegevoerd door de wind. Maar Lourdes kon het niet horen, het was te zacht voor haar menselijke oren. De stem van Sin Mae werd een met de warme lucht in het paleis, en verstomde. Niemand had het gehoord, zo snel was het ook weer verdwenen.
Met citaat reageren
Oud 09-07-2003, 20:01
Twijg
Avatar van Twijg
Twijg is offline
Lourdes liep met Dimple mee naar een ander vertrek,dat verscholen ging achter twee grote deuren, met een zachte perzikachtige kleur, die Lourdes deed denken aan wolken op een zomerse dag met een blauwe lucht. De kleur, verging van licht naar donkerder, in een wolken motief, wat haar op de een of ander manier deed denken aan de hemel, zoals mensen die beschreven. Dimple kon niet bij de deurknop, omdat hij te klein was, dus riep hij een bediende, die uit een andere kamer aan kwam snellen om de deur voor het tweetal te openen. Hij leek veel op Dimple, maar was alleen een stuk groter. Het hele ruimte was vervuld met de perzikachtige kleur in wolkjesmotief, zodat ze in een wolkenveld leek te zweven. Er stond een lange tafel in de kamer, en verder niets dan een paar lampen aan het plafond. Heerlijke geuren kwamen haar neus binnen, en Lourdes voelde de hevige drang naar eten, weer bij haar opkomen, die ze zonet ook gevoeld had. Terwijl ze niet echt honger had, ze had tenslotte net gegeten. Het verlangen werd bijna ondragelijk, ze moest wat eten! Misschien kreeg ze ook wel wat, mocht ze mee eten.
Met citaat reageren
Oud 17-07-2003, 09:54
Twijg
Avatar van Twijg
Twijg is offline
zeker niemand die zin heeft om dit hele stuk te lezen ofzo???
Met citaat reageren
Oud 23-07-2003, 20:26
Shadowme
Avatar van Shadowme
Shadowme is offline
ik vond het een leuk verhaal

*hoopt op meer*
__________________
never send spam. that's bad. very bad
Met citaat reageren
Oud 23-07-2003, 23:17
Kaas
Avatar van Kaas
Kaas is offline
heb je dit al niet eerder gepost, of ben ik in de war met een ander verhaal?
__________________
I'll be there, where ever you are...
Met citaat reageren
Oud 25-07-2003, 11:51
Twijg
Avatar van Twijg
Twijg is offline
nee, klopt
Alleen ik heb het hele verhaal voor 100% omgegooid , dus ik dacht ik post het wel ff opnieuw, dan is het minder verwarrend
Met citaat reageren
Oud 22-08-2003, 14:52
Twijg
Avatar van Twijg
Twijg is offline
Niemand reageert
Te lang ofzo, moet k t korter maken?
__________________
the world's an elvish sight
Met citaat reageren
Advertentie
Reageren


Regels voor berichten
Je mag geen nieuwe topics starten
Je mag niet reageren op berichten
Je mag geen bijlagen versturen
Je mag niet je berichten bewerken

BB code is Aan
Smileys zijn Aan
[IMG]-code is Aan
HTML-code is Uit

Spring naar

Soortgelijke topics
Forum Topic Reacties Laatste bericht
Verhalen & Gedichten [Verhalenwedstrijd] Verbrijzelde dromen met kinderlijke onschuld
Verwijderd
0 06-04-2007 16:14
Verhalen & Gedichten [verhaal] de spiegel
mystress-darqyr
3 11-09-2004 22:35
Verhalen & Gedichten Verhalenwedstrijd: Vervlogen dromen.
Ieke
0 08-04-2004 20:05
Verhalen & Gedichten Spiegel, spiegel
Malin
7 20-01-2004 15:46
Verhalen & Gedichten Spiegel van jou
*-*Skye*-*
0 11-02-2002 07:58
Verhalen & Gedichten Elke dag een droom :(
~Black~Angel~
5 20-09-2001 18:31


Alle tijden zijn GMT +1. Het is nu 10:08.