Citaat:
herby schreef op 28-01-2004 @ 17:24:
Kankervirussen, virussen die de deling stimuleren van cellen die ze binnendringen en ze zo transformeren in kankercellen, hebben veel informatie opgeleverd bij onderzoek naar kankers. Kankervirussen bevatten genen die alleen dienen om kanker te veroorzaken, de virale oncogenen. Het komt wel eens voor dat de virale oncogenen niet meer werken als gevolg van een mutatie. Het gemuteerde virus kan dan misschien nog wel zorgen dat de gastheercel virusdeeltjes maakt, maar als het virale oncogen beschadigt is wordt de gastheercel niet meer getransformeerd.
Het Rous-sarcoomvirus (RSV) is het eerste virus waarin oncogenen zijn ontdekt. Het RSV dringt kippe-ebryocellen binnen die dan niet alleen andere virussen maken, maar ook (in 2 weken) worden getransformeerd tot kankercellen. Het avian leukosis virus (AVL), die erg op de RSV lijkt en ook dezelfde soort cellen infecteert zorgt alleen dat de gastheercel nieuwe virussen maakt, hij transformeert de gastheercellen dus niet. Door dit verschil en het feit dat het genoom van RSV (10 kb) groter is dan het genoom van AVL kwam men op het volgende idee: RSV bevat verschillende genen waarvan er één of meer alleen cellen transformeren (virale oncogenen) en een paar andere genen zorgen dat nieuwe virussen worden gemaakt. AVL bevat die virale oncogenen niet en kan daarom de gastheercellen niet transformeren.
Zoals ik al eerder gezegd heb kunnen er ook virussen zijn waarvan het virale oncogen gemuteerd is waardoor die niet meer goed werkt. Er bestaat een dergelijk gemuteerde versie van RSV. Deze mutanten blijken temperatuur-gevoelig te zijn: ze kunnen de gastheercel niet transformeren bij een hogere temperatuur (41 º C) terwijl dezelfde virus dat wel doet bij een lage temperatuur (35 º C). Als een cel die is geïnfecteerd bij een hoge temperatuur in een omgeving wordt gelegd met een lagere temperatuur wordt hij getransformeerd. En als cellen die bij een lage temperatuur zijn geïnfecteerd worden blootgesteld aan hoge temperatuur vertonen ze geen kankerachtig gedrag meer. De gastheercel blijkt wel bij beide temperatuur nieuwe virussen te maken. RSV blijkt een gen te bevatten, v-src, die in een cel voortdurend eiwitten maakt om zo zijn kankerachtig gedrag te behouden. De gemuteerde versie maakt eiwitten aan die na een bepaalde temperatuur niet meer werken. Het gen dat codeert voor de productie van cellen heeft niets te maken met het virale oncogen.
Wat opvalt, is dat een viraal oncogen niet te maken heeft met de replicatie van die virus en geen invloed heeft hierop en dus eigenlijk overbodig is. Zo kwam de vraag waar het virale oncogen eigenlijk vandaan komt en hoe het in het genoom van een virus terechts is gekomen.
|
dat lijkt potverdriedikkeme veel op mijn profielwerkstuk....
HEY! klootzak, doe dat is ff niet!