Door gebruik te maken van Scholieren.com of door hiernaast op ‘akkoord’ te klikken, ga je akkoord met onze gebruiksvoorwaarden en geef je toestemming voor het gebruik van cookies. Als je niet alle cookies wilt toestaan, ga dan naar ‘instellingen aanpassen’ om dit in te stellen. Ben je jonger dan 16 jaar? Zorg dan dat je toestemming hebt van je ouders om onze site te bezoeken. Hier lees je alles over hoe wij omgaan met je privacy.

Oud 05-05-2005, 16:18
Verwijderd
Ik weet niet of ik in de juiste topic sta, anders moet iemand dit maar verplaatsen.

Onderzoek Erasmus: Sportschutters minder agressief

2 Mei 2005


Van al te snelle conclusies houdt ze niet. Het was ook één van de redenen dat drs. Marleen H. Nagtegaal vorig jaar aan haar onderzoek begon naar wat officieel heet de agressieregulatie bij leden van schietsportverenigingen. De sportschutters in totaal waren na de actualiteit van het schietincident in Tiel (in april 2004, het eerste van de in totaal drie waarbij een lid van een schietsportvereniging was betrokken) al aan de schandpaal genageld. Ten onrechte zoals nu ook uit de resultaten van haar onderzoek blijkt. Of zoals Nagtegaal het zelf zegt: ‘In tegenstelling tot de berichtgeving in de media, waarin leden van een schietsportvereniging agressiever afgeschilderd worden dan anderen in de samenleving, komt uit het onderzoek een ander beeld naar voren.’

Leden van een schietsportvereniging scoren juist minder hoog op ‘agressie- en impulsiviteitsmaten’, stelde Marleen Nagtegaal vast. Ze hebben alleen een verhoogde score op de variabele Extraversie. In gewoon Nederlands: hun gerichtheid naar buiten, zoals het prettig vinden om veel sociale contacten te hebben. Verder houden extraverte mensen van verandering en spanning.


Deelonderzoeken
Niets mis mee, met de (gemiddelde) sportschutter en het is leuk dat ook eens van iemand anders te horen. Van de aan de Universiteit van Amsterdam in de Klinische Psychologie afgestudeerde en nu bij het Instituut voor Psychologie van de Erasmus Universiteit in Rotterdam als AIO(assistent in opleiding) werkende Marleen Nagtegaal dus. Volgend jaar september hoopt ze te promoveren op haar onderzoeken. Zes, mogelijk zeven deelonderzoeken in totaal waarvan die naar de sportschutters er één is. ‘Maar allemaal handelend over agressieve gedachten en met verschillende populaties.‘

Vier jaar is ze in september 2006 dan met haar promotieonderzoek naar die agressieve gedachten bezig geweest. Bijvoorbeeld over de cultuurverschillen met Japan, mogelijk geworden omdat in het land van de rijzende zon eenzelfde onderzoek kon worden gehouden als hier in Nederland. Over culturele aspecten van agressieve gedachten, agressieve fantasieën en agressieve intrusies. Of anders gesteld: vrijwillige gedachten en indringende gedachten. Plotseling opkomende gedachten waar je eerder last van hebt dan dat je er wat mee kunt.


Actualiteit en hype
Dat ze bij haar promotieonderzoek de sportschutters zou betrekken had ze vooraf beslist niet gedacht. Dat het toch is gebeurd? ‘Ik ben altijd op zoek naar leuke, interessante onderwerpen voor mijn onderzoek. Soms gerelateerd aan de actualiteit, soms anders.’ Toen het eerste van de drie afschuwelijke drama’s waarbij leden van schietverenigingen betrokken waren, zich voltrok en zoveel media-aandacht
trok kwam het idee bij haar op. Drama's die, zoals KNSA-directeur Sander Duisterhof haar in een gesprek voordat ze met haar werkelijke onderzoek begon, ook vertelde, niets maar dan ook niets te maken hebben met de schietsportbeoefening in Nederland.

Maar weet Marleen Nagtegaal: ‘Desalniettemin straalden deze incidenten op de schietsportbeoefenaren af.’ En het is bekend: er ontstond een hype. Op televisie, radio, kranten zowel landelijk als regionaal. Maar ook in de politiek. Sportschutters werden als groep gediscrimineerd. Een gevolgtrekking die volgens haar veel en veel te snel werd getrokken en op niets was gebaseerd. Dat, met het feit dat ze nu eens een keer niet met de (bijna standaard) populatie van studenten kon werken, deed haar besluiten zich op de schietsport en haar beoefenaren te storten.


Niet verbaasd
De uitkomst van haar onderzoek verbaast haar overigens niet. ‘Toen ik het onderzoek opstartte hoorde ik al uit mijn directe omgeving steeds meer verhalen en anekdotes uit en over de schietsport. Over mensen die de rust zelve waren, kalm reageerden.’ Maar, zo weet ze ook, dat zijn verhalen. ‘Ze zijn door mijn onderzoek nu wel met wetenschappelijke conclusies onderbouwd. Wat overigens niet wegneemt dat er natuurlijk ook in Nederland veel schietpartijen met dodelijke afloop plaatsvinden. En het ook wel zo is dat als je een wapen voorhanden hebt en je in een ruzie belandt, je sneller dat wapen kunt gebruiken. Het is ook een wapen dat – indien gebruikt – eerder dodelijke gevolgen heeft dan een ander wapen. Maar om te zeggen dat leden van een schietsportvereniging a priori meer impulsief zijn, juist niet!’

Marleen Nagtegaal staat, als het gesprek op de zesde verdieping van het Gebouw J op Woudestein in een leslokaal plaatsvindt, op het punt naar Melbourne af te reizen. In Australië zal ze op een congres van de International Association of Forensic Mental Health Service over forensische psychologie, een in Nederland nog kleine specialisatie, de resultaten van haar schietsport-onderzoek presenteren. ‘Er is op dit terrein ook internationaal nog maar heel weinig onderzoek verricht. Wel over zaken als bijvoorbeeld de aanwezigheid van wapens en de agressie die daarmee kan worden opgeroepen. In de Verenigde Staten bijvoorbeeld, waar het wapenbezit groot is.’


Eigen onderzoek
Ze heeft haar onderzoek geheel zelfstandig opgezet. Bekeek daarvoor onder meer de website van de KNSA, zocht er naar de adressen van schietsportverenigingen. Ze schreef clubs verspreid over het gehele land aan, vroeg in haar brief om medewerking en om de vragenlijst aan leden door te zenden. Toen de clubs naar aanleiding van haar schrijven bij het Bondsbureau van de KNSA in Amersfoort reageerden en directeur Duisterhof contact met haar op nam, heeft Marleen Nagtegaal met hem gesproken. ‘Maar het is een eigen onderzoek geweest,’ benadrukt ze. Van enige sturing door een opdrachtgever is door het ontbreken daarvan dus ook geen sprake geweest.

Uiteindelijk hebben 70 leden van schietsportverenigingen positief gereageerd op de vraag om mee te werken. Marleen Nagtegaal heeft voor haar onderzoek tenslotte aan 59 van hen de vragenlijsten gestuurd. De overige 11, allen vrouw, moest ze afschrijven. ‘Er bestaan tussen mannen en vrouwen te veel verschillen op terreinen als agressiviteit en impulsiviteit. De vrouwen zouden het onderzoek te veel kunnen beïnvloeden. En een groep van 11 is te klein om mee te werken. Vandaar de keuze om uitsluitend de vragenlijsten van de mannen te analyseren.’

Voor een controlegroep, om de gegevens van de leden van de schietsportverenigingen te kunnen vergelijken met de gewone’ Nederlandse bevolking, maakte Marleen Nagtegaal gebruik van het internet. Ze kreeg 141 reacties op haar oproep; na het uitselecteren van de vrouwen bleven er 67 over. Bij matching van beide groepen - de sportschutters en de controlegroep - op zaken als leeftijd en opleiding (sexe was met 100% man dit keer niet nodig) bleek de overeenkomst groot genoeg om daarmee aan de slag te kunnen. ‘Studenten als controlegroep zouden in dit geval niet hebben volstaan. Te grote verschillen in leeftijd en opleiding.’


Representatief
Het aantal van 59 noemt Marleen Nagtegaal ‘inderdaad niet groot’, maar voor haar doelstellingen voldoende representatief. Temeer omdat de verspreiding over het land goed was. Per provincie was ook steeds een aantal clubs aangeschreven. Ze vindt een groep van 60 bij een nieuwe theoretische benadering ‘heel mooi.’ Zegt: ‘Voor het onderzoek in ieder geval okay; je kunt best conclusies trekken.’ Dat er voor een onderzoek dat als basis voor beleid moet dienen een grotere groep respondenten nodig is, dat beaamt ze ook. Evenals het feit dat wat het schietsportonderzoek betreft, verder onderzoek zeker noodzakelijk is voordat al te grote conclusies kunnen worden getrokken.


Voordat ze met haar conclusies naar buiten is gekomen heeft Marleen Nagtegaal nog wel de wat zij noemt ‘controlevariabelen’ gelijk gemaakt. Een correctie toegepast, omdat de groep sportschutters een hogere score op de variabele sociale wenselijkheid had; zichzelf aardiger en minder agressief heeft voorgedaan en heeft ingespeeld op wat de onderzoeker graag zou willen horen. ‘Ze wilden mogelijk na het incident in Tiel goed voor de dag komen. Die invloed is met behulp van statistische statistieken weggehaald. Maar dan nog steeds blijken de sportschutters minder agressief en meer extravert uit de verf te komen.’

Op een poster heeft Marleen Nagtegaal de belangrijkste resultaten van haar onderzoek vermeld. Met een kop die meer de strekking van haar onderzoek aangeeft dan de conclusies die er uit kunnen worden (en ook zijn) getrokken. Shooting association membership, aggressive thoughts and personality. KNSAvoorzitter Greven had er de primeur van. Hij kon, daags nadat Marleen Nagtegaal haar brief met conclusies had verstuurd, de Algemene Vergadering van de KNSA de poster in Hooglanderveen tonen. De complete resultaten van haar onderzoek hoopt Nagtegaal binnen niet al te lange tijd in een wetenschappelijk tijdschrift te kunnen publiceren.


Interactie
Tot slot nog een keer terug naar het verschijnsel ‘hype’ wat mede aanleiding tot haar schietsportonderzoek is geweest. Ze was er, ook al uit haar stageperiode in een TBS-kliniek, mee bekend. ‘Als een patiënt iets fout had gedaan in de maatschappij werd dat direct breed uitgemeten in de media. Ook al zijn er duizenden verloven van TBS-patiënten die vlekkeloos verlopen.’ Ze is daarom ook tegen te snelle conclusies. Tegen het onvoldoende onderbouwd in het verdomhoekje plaatsen van groepen. ‘Ook door de politiek. Er ontstaat snel een interactie. Media berichten, politici stellen vragen, ze kunnen immers niet achter blijven als er iets leeft bij het publiek, de media berichten op hun beurt weer over die vragen. Het versterkt elkaar allemaal.’

Waarmee Marleen Nagtegaal niet wil zeggen dat er aan zaken geen of minder aandacht meer mag worden besteed. ‘Je moet weten waarover je het hebt, binnen proporties blijven. Maar in de berichtgeving zijn nuances niet zo gebruikelijk. Berichten, zaken, gaan ook een eigen leven leiden doordat ze ongecontroleerd van elkaar worden overgenomen.’
Met citaat reageren
Advertentie
Oud 06-05-2005, 11:39
Verwijderd
wat een onnuttige onderzoeken toch altijd... dat ze een geneesmiddel tegen kanker en aids gaan uitvonden ofzo
Met citaat reageren
Oud 07-05-2005, 10:28
RHCP_NAC
Avatar van RHCP_NAC
RHCP_NAC is offline
Het zal wel, wat me wel opvalt in de sportwereld dat voetballers een stuk agressiever zijn dan veel andere sporters, denk hierbij o.a. aan Rugby of andere sporten waar ook veel fysiek contact is.
__________________
I’d say the purpose of life is joy in the present moment, and anyone who tells you different is a lying conniving asshole. -- Pat Condell over religie.
Met citaat reageren
Advertentie
Reageren

Topictools Zoek in deze topic
Zoek in deze topic:

Geavanceerd zoeken

Regels voor berichten
Je mag geen nieuwe topics starten
Je mag niet reageren op berichten
Je mag geen bijlagen versturen
Je mag niet je berichten bewerken

BB code is Aan
Smileys zijn Aan
[IMG]-code is Aan
HTML-code is Uit

Spring naar


Alle tijden zijn GMT +1. Het is nu 20:52.