Oud 02-07-2003, 15:22
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
Hee forummers...Ik ben met een verhaal bezig. Willen jullie ff reacties plaatsen? Het is nog lang niet af hoor! Kus Marit




Britt klapt de deur achter haar dicht. Ze gooit haar tas onder de kapstok, doet haar spijkerjasje aan het haakje en kijkt in de spiegel. Meid, wat zie er weer geweldig uit vandaag, denkt ze bij zichzelf. Door de harde wind hingen alle rode lokken die ze ’s ochtends had vastgemaakt in haar staart los langs haar gezicht. En omdat het ook nog eens regende, zat de mascara verspreid over haar hele gezicht. Ze strijkt haar haren uit haar gezicht en loopt naar de kamer. Britt schenkt een glas cola voor zichzelf in, en doet een greep naar de koekjestrommel. Omdat haar ouders beide werken en haar zusje op de opvang zit, kan ze doen waar ze zelf zin in heeft. Haar zusje Fenna is veertien en verstandelijk gehandicapt. Ze heeft het niveau van een kind van vier, en ze praat met het niveau van een kind van twee. Omdat de ouders van Britt en Fenna beide werken, gaat Fenna naar een speciale opvang voor kinderen met een verstandelijke handicap. En dus is Britt tot ongeveer 6 uur ’s avonds alleen thuis, en dat vindt ze helemaal niet erg. Zo kan ze beter haar huiswerk maken, lekker lang internetten en de muziek keihard aanzetten. Maar soms mist ze het ook wel een beetje dat haar ouders er niet zijn, als ze bijvoorbeeld een rotdag op school heeft gehad, dan heeft ze wel zin om met iemand te praten, en dan is er niemand. Maar vandaag vindt ze het helemaal niet erg. Ze gaat op de bank liggen, zet de tv aan en begint een beetje te zappen. Bij MTV laat ze hem staan. Voorlopig…

Rond zes uur komen haar ouders en Fenna thuis. Het hele huis is meteen gevuld met lawaai. Zo te horen is Fenna niet in een goed humeur. ‘Hee Fenna, hoi pap en mam!’ zegt Britt. Het enige wat ze terugkrijgt is een boze blik van Fenna. Haar ouders reageren niet eens, zo druk hebben ze het met zichzelf. ‘Wanneer moeten we de boodschappen doen dan? En ik moet Fenna nog in bad doen en vanavond komt Monique ook nog!’ Roept haar moeder vanaf boven. ‘De boodschappen kunnen wel wachten tot morgen, en misschien wil Britt Fenna wel in bad doen, dan heb jij alle tijd voor Monique’ roept haar vader terug. Monique is de vriendin van de moeder van Britt. Al ontzettend lang. De dochter van Monique, Christine, is de beste vriendin van Britt. Met haar kan je echt alles bespreken, ze weten ook alles van elkaar.
‘Ja oké, ik doe Fenna wel in bad dan.’ zegt Britt. ‘Dank je Britt, dat is lief van je.’ zegt haar vader. ‘Kom je trouwens aan tafel? Het eten is klaar.’zegt hij. ‘Ja dat weet ik pap, ik heb het klaargemaakt weet je nog?’ antwoordt Britt.

Onder het eten hebben de ouders van Britt het over hun werk. Dat interesseert Britt helemaal niks, ze weet toch niet waar het overgaat. Als Britt wil vertellen dat ze die dag een 7,5 op Engels heeft gehaald, begint haar zusje te praten. Ze praat gewoon over haar heen! Britt was aan het vertellen en haar ouders zeggen er niks van. ‘Wacht even Britt, laat Fenna eerst even praten.’ zegt haar moeder. Britt zucht en eet verder. Zo gaat het nou altijd. Fenna wordt altijd voorgetrokken, het maakt niet uit wanneer, waarom en waar. Fenna mag altijd eerst. En daar is ze helemaal spuugzat van. Het gaat er niet om dat zij nu moet wachten met vertellen, het gaat er gewoon om dat zij ALTIJD op de tweede plaats komt. Het is net alsof haar ouders minder van haar houden, terwijl ze zelf ook wel weet dat dat niet zo is. Fenna heeft gewoon meer aandacht nodig, en dat moet ze maar respecteren.

Als Britt Fenna na het eten in bad wil doen, merkt ze dat dat toch niet zo makkelijk is als ze dacht. Fenna houdt er helemaal niet van om in bad te gaan, en dat laat ze duidelijk merken. Ik snap ook niet waarom pap me niet helpt, hij is toch veel sterker dan ik? denkt Britt. Als Britt Fenna eindelijk in bad heeft gekregen is Fenna al zo kwaad dat Britt een grote plens water in haar gezicht krijgt. Britt heeft moeite zich in te houden, en niet kwaad te worden. Ze weet dat dat het alleen nog maar erger maakt. Maar als ze Fenna shampoo in haar haar wil doen, en Fenna zo hard in de fles knijpt dat de inhoud door de hele badkamer vliegt, wordt het Britt te veel. ‘Verdomme Fenna, kijk nou wat je doet!’ schreeuwt Britt. ‘Alles zit er helemaal onder, en wie moet dat weer opruimen? Juist ja, ik! Ik probeer hier verdorie zo mijn best te doen, en het enige wat ik van jou krijg zijn boze blikken en shampoo in mijn ogen! Ik heb er helemaal genoeg van, je ziet maar hoe je eruit komt! En je ruimt het allemaal zelf op!’ Boos slaat Britt de badkamerdeur dicht. Als ze naar haar kamer loopt hoort ze Fenna huilen. Maar Britt heeft geen medelijden met haar, het is haar eigen stomme schuld. Door al het lawaai komt haar moeder naar boven. ‘Wat is er hier aan de hand?’ roept ze. Ze loopt de badkamer in, en loopt naar Fenna toe. ‘Och meissie toch, wat is er aan de hand? Kom maar bij mama.’ Ze werpt een boze blik naar Britt en zegt: ‘Was dit nou nodig? Kijk nou eens wat voor bende het is. En Fenna is helemaal overstuur!’ Fenna begint nog harder te huilen. ‘Ik kon er niks aan doen, Fenna werd boos op mij omdat ik haar haar wilde wassen, en wie krijgt het weer op de schuld? IK! Ik heb het altijd gedaan! Sorry hoor, dat ik besta!’ schreeuwt Britt. Ze loopt naar haar kamer en slaat de deur met een klap dicht. Ze zet de tv aan en laat hem staan op MTV. Alweer…

De volgende ochtend wordt ze veel te laat wakker. Ze moet om half acht op de fiets naar school zitten, en het is nu al kwart over zeven! Britt springt haar bed uit, grijpt de stapel kleren van haar stoel en haast zich naar de douche. Maar die zit op slot. ‘Mam? Ben je bijna klaar? Ik ben al veel te laat, kan ik er zo bij?’vraagt Britt. ‘Sorry Britt, maar je moet nog even geduld hebben. Fenna heeft in haar luier gepoept en alles zit eronder…’
Nee hè, dat ook nog, denkt Britt. Dan maar niet douchen, ik heb nu echt geen tijd meer om te wachten. ‘Laat maar mam’, zegt Britt daarom, ‘ik heb geen tijd meer dus ik ga naar school nu.’ ‘Fenna meisje, werk nou even mee, je smeert alles eronder zo!’ is het antwoord van haar moeder. Dan niet, denkt Britt en loopt naar beneden. Daar smeert ze snel een boterham met jam, die eet ze straks op de fiets wel op. Ze kijkt in de spiegel, kamt haar haar en doet er twee speldjes in. Klaar, denkt ze. ‘Ik ga mam, doei!’ Geen reactie. Die is weer te druk met Fenna bezig, denkt Britt.
Christine staat al op de hoek te wachten. ‘Sorry dat ik zo laat ben Chris, maar ik heb de wekker in m’n slaap uitgedrukt’ verontschuldigt Britt zich. ‘Geeft niks hoor, kan gebeuren! Net alsof ik altijd op tijd ben’ lacht Chris. Dat is waar, denkt Britt. Meestal is Chris diegene die te laat komt. Het is ook zo’n chaoot. Wat dat betreft verschillen Chris en zij ontzettend van elkaar. Britt is een perfectionist, alles moet precies zo gaan zoals zij het in gedachten heeft. Als dat niet het geval is, gaat ze net zolang door tot het goed is. Chris daarentegen maakt het helemaal niks uit. Als zij een onvoldoende haalt maakt het haar niks uit. Dat haalt ze wel weer op bij de volgende toets, zegt ze. Terwijl Britt dan meteen in de stress zit of ze wel overgaat! Nou ja, verschil moet er zijn natuurlijk.
‘Britt? Contact?’ Britt schrikt op uit haar gedachten. ‘Uh, zei je wat?’ ‘Nou ja, ik heb nog maar drie keer gevraagd of je morgen ook mee gaat kleren kopen met Mark en mij.’ Mark is de broer van Chris, één jaar ouder, en Chris en Mark kunnen onwijs goed met elkaar overweg. ‘Ja, sorry, natuurlijk ga ik mee! Gezellig, en ik moet trouwens nog een leuke broek hebben, dus het komt goed uit!’ zegt Britt. Als ze op school aankomen is de bel net gegaan. Snel proppen ze hun jassen in het kluisje en haasten zich naar wiskunde.

Toen haar ouders en Fenna ’s avonds thuiskwamen was het meteen duidelijk dat er iets aan de hand was. Zo te zien hebben haar ouders ruzie. Nou dat wordt dan weer gezellig vanavond, denkt Britt. ‘Hooooi mensen van het goede leven!’ probeert Britt opgewekt. ‘Leuke dag gehad?’ ‘Britt hou even op met die grapjes, we hebben het ontzettend druk, en we wilden vanavond nog even langs oma gaan, maar daar had je vader geen zin in. Die heeft het natuurlijk weer veel te druk met zichzelf, en geen tijd en zin om bij zijn eigen moeder langs te gaan.’ zegt haar moeder boos. ‘Praat voor jezelf’ mompelt Britt. ‘Wat zeg je?’vraagt haar moeder. ‘Ik vroeg wat we gingen eten.’ verzon Britt. ‘Nou we hebben maar even snel patat opgehaald want we hebben nou echt geen tijd meer om te koken. Jij kan vanavond Fenna wel op bed brengen?’ Ik heb geen keus, denkt Britt. ‘Ja, dat kan wel, maar ik hoef haar toch niet in bad te doen?’ zegt ze.
‘Tat! Tat!’ Fenna kraait het uit van plezier. Ze was dol op patat, als je haar ergens blij mee kan maken is het wel patat, met een frikadel natuurlijk.
Toen haar ouders weggingen zat Fenna nog aan tafel, onder de mayonaise. Maar ze is in een goed humeur, dat scheelt. Dat kwam namelijk niet zo vaak voor, nu ze in de pubertijd zit. Als Fenna in een goed humeur is, heeft dat meestal ook invloed op het humeur van Britt. Nu ze haar zusje daar zo ziet zitten, lachend en onder de mayo, beseft ze zich dat ze ontzettend veel van haar houdt. Haar zusje is misschien wel ontzettend moeilijk en vervelend, maar ze heeft natuurlijk ook een ontzettend lieve kant. Zo kan Fenna haar grote zus niet missen. Ook al is Britt maar een paar dagen weg, Fenna mist haar ontzettend. Wel jammer dat Britt daar nooit wat van merkt als ze samen zijn.
Als Britt Fenna heeft schoongemaakt en de hele zooi heeft opgeruimd, zet ze Fenna voor de tv en begint ze aan de afwas. Na de afwas kijkt ze op de klok; het is alweer acht uur! ‘Kom Fenna, ga je mee op bed? Het is al heel laat!’ Fenna stribbelt een beetje tegen, maar gaat uiteindelijk toch maar mee. Ze moet op bed gebracht worden als een klein kind. Haar tanden moeten worden gepoetst, je moet haar pyjama aandoen en omdat ze niet zindelijk is, ook nog een luier omdoen. En dat laatste is een heel gedoe. Maar het lukt Britt, en om half negen ligt Fenna in bed. Nu heeft ze eindelijk tijd om die goede film te zien, waar iedereen het over had op school.

De volgende ochtend hebben Britt, Christine en Mark om elf uur afgesproken in het winkelcentrum. Britt is er op tijd, Chris en Mark komen natuurlijk een kwartier te laat. Maar ach, wat maakt het uit. ‘Heeee Britt! Sorry dat we zo laat zijn, maar…’ ‘Je was je portemonnee kwijt..?’ vult Britt haar vriendin lachend aan. ‘Ehm… Ja, zoiets’, lacht Chris. ‘Nee hoor, ze was haar portemonnee helemaal niet kwijt, en we waren ook bijna op tijd, maar toen moest Chris “opeens” nog naar de wc, een kaart schrijven, en een andere broek aantrekken.’ zucht Mark. Chris geeft haar broer een stomp. ‘Gaan we nou eindelijk winkelen?’ zegt ze. Lachend lopen ze met z’n drieën de winkelstraat in.
Britt vindt het ontzettend gezellig. Ze heeft al een hele tijd niet meer gewinkeld, dat komt vooral omdat haar moeder er geen tijd voor heeft. En àls ze met haar moeder gaat winkelen, gaat Fenna meestal mee. En daar vindt Britt dus niks aan. Daarom vindt ze het nu ook ontzettend gezellig. ‘Wat vind je van deze?’ Chris scheurt een witte broek zo hard uit het rek, dat de rest van de kleren er ook uit vallen. Met een rood hoofd pakt Chris de kleren weer op en geeft de witte broek aan Britt. ‘Pas maar even, hij staat je vast vet cool!’ Als Britt de broek aan het passen is hoort ze Mark en Chris lachen. Die twee hebben echt de grootste lol samen. Dat mist Britt echt. Een broer of zus waarmee je allemaal dingen kan doen, waar je mee kan lachen, en zo nu en dan eens even flink ruzie mee kan maken. Die dingen kent zij helemaal niet. ‘En, past ie?’ vraagt Chris nieuwsgierig. De broek zat voor geen meter en hij stond ook niet bepaald mooi. ‘Eh nee sorry, ik vind hem niet mooi.’antwoord Britt. Voordat Chris kan zien hoe de broek staat, heeft Britt hem al weer uit. Ze heeft trouwens ook helemaal geen zin meer. Die stinkende pashokjes en muffe winkels heeft ze wel weer gezien. ‘Zo, wat kijk jij vrolijk zeg!’zegt Chris als Britt het pashokje uitkomt. ‘Ja ik heb het winkelen eigenlijk wel gehad, en heb ook wel genoeg gekocht. Maar daarom mogen jullie nog wel kijken.’ antwoordt Britt. ‘Nou nee, wij hebben het ook wel gezien. En ik heb honger!’ Mark wrijft over zijn buik. ‘Jij hebt altijd honger.’ zegt Chris. Mark prikt haar in haar zij, waarop Chris hem een zachte duw geeft. Lachend lopen ze voor Britt uit. Britt wordt er niet echt vrolijker op. Mark komt naast haar zitten in de Mac. Chris is aan het bestellen. ‘Wat ben je opeens stil, is er wat?’ vraagt hij. ‘Nee,’ zucht Britt. ‘Nou ja, kijk, ik zie jullie de hele tijd lol hebben met elkaar en dat mis ik gewoon ontzettend. Ik kan dat niet met Fenna en ik zal het ook nooit met haar kunnen. Daar baal ik gewoon een beetje van, verder niet.’ Mark kijkt haar aan. ‘Wij hebben ook wel ruzie hoor, heel vaak kunnen we elkaar gewoon niet uitstaan. Maar ik begrijp wel dat je het mist, dat zou ik ook doen. Maar Chris is toch ook als een soort zus voor je?’ Britt knikt, en voelt zich meteen wat beter. Ze moet ook niet zo zeuren. Ze mag blij zijn dat ze een zusje heeft! ‘Drie milkshakes, twee Happy Meals en voor de vreetzak onder ons: een super Big Mac Menu!’ Chris zet het dienblad met een klap op tafel. ‘Val aan! Ik kom zo!’ roept Mark. En met z’n drieën eten ze in een recordtijd al het eten op.

Als Britt thuiskomt, ziet ze de auto van haar moeder staan. Vreemd, denkt ze. Normaal is haar moeder rond deze tijd nooit thuis. Als ze het huis binnenkomt, loopt haar moeder net de trap af. ‘Mam, wat is er?’ vraagt Britt. Haar moeder ziet bleek. ‘Fenna is ziek. De opvang belde om te zeggen dat we haar op moesten halen. Het gaat niet goed. De dokter komt zo.’ zegt ze. Britt schrikt. ‘Mag…mag ik bij haar kijken?’ Haar moeder knikt. Eventjes. Britt loopt de trap op. Ze duwt zachtjes de deur van Fenna’s kamer open. Fenna ligt in bed, ze slaapt. Ze ziet ontzettend bleek. Britt gaat voorzichtig op het bed zitten en aait Fenna zachtjes door haar haar. Fenna doet haar ogen open, maar het lijkt net alsof ze niks ziet. Ze staart maar een beetje in de verte. Dan komt er een gorgelend geluid uit haar keel, en ze geeft over. Dit ziet er echt niet goed uit, denkt Britt. Zo heeft ze haar zusje nog nooit gezien. Ze pakt een doek om het braaksel op te ruimen. Als ze daarmee klaar is, komt de dokter binnen, gevolgd door haar moeder. ‘Ze was vandaag de hele dag al wat stilletjes op de opvang. Ze wilde ook niet eten, en wat ze at, kwam er meteen weer uit.’ vertelt haar moeder aan de dokter. ‘Nu ligt ze al twee uurtjes op bed, ze slaapt bijna de hele tijd en ze wordt alleen wakker om over te geven.’gaat haar moeder verder. De dokter onderzoekt Fenna, en als hij daar mee klaar is vraagt hij Britt’s moeder even mee te komen. Britt voelt meteen dat het niet goed is. Ze probeert aan de deur te luisteren wat ze zeggen, maar ze verstaat er niet zo veel van. Na een paar minuten komt haar moeder met betraande ogen binnenlopen. ‘Britt, Fenna moet met spoed naar het ziekenhuis voor verder onderzoek. Wil jij hier blijven en wachten tot papa thuiskomt?’zegt haar moeder met trillende stem. Britt ziet dat haar moeder moeite heeft om zich in te houden, en niet te gaan huilen. ‘Ja…natuurlijk. Ik wacht hier wel op pap, en dan komen we daarna naar het ziekenhuis.’ zegt Britt. Ook zij heeft moeite om niet te gaan huilen.
Als Fenna en haar moeder met de dokter naar het ziekenhuis zijn, loopt Britt rusteloos door het huis heen. Wat zou er met haar zusje zijn? Vraagt Britt zich af. Straks is het iets heel ergs! Na een half uur komt haar vader thuis. Hij had al met haar moeder gebeld, en samen met Britt vertrekken ze snel naar het ziekenhuis.

Onderweg naar het ziekenhuis is het stil. De radio is uit, Britt zegt niks, en haar vader ook niet. Het lijkt een eeuwigheid te duren tot ze bij het ziekenhuis zijn. Als ze na een kwartier bij het ziekenhuis aangekomen zijn, lopen ze direct door naar de receptie. ‘We komen voor Fenna Thijssen. Waar kunnen we haar vinden?’ vraagt Britt’s vader aan het jonge meisje achter de balie. Het meisje kijkt in de computer. ‘Ze zijn nog bezig met onderzoeken. Maar u kunt hier wel even wachten. Zodra ze klaar zijn, hoort u het van mij.’ zegt ze.
Stil gaan Britt en haar vader zitten. Britt durft niks te zeggen. Op een of andere manier voelt ze dat het niet goed is. Anders hoeft Fenna toch ook niet naar het ziekenhuis? En waarom zijn ze zolang met haar bezig?
Na een half uur gewacht te hebben, komt er een zuster op hun aflopen. ‘Meneer Thijssen?’vraagt ze. Britt’s vader knikt. ‘Wilt u even met mij meelopen?’ vraagt de zuster. Als Britt ook wil opstaan om mee te gaan, houdt de zuster haar tegen. ‘Wacht jij maar even hier.’ zegt ze. ‘Maar…’ probeert Britt nog. Maar haar vader en de zuster zijn al weg.
Daar staat ze dan. Alleen. Waarom mag ze niet mee? Zou het zo erg zijn? Britt voelt tranen opkomen. Snel veegt ze ze weg. Niemand hoeft haar hier huilend te zien. Ze gaat maar weer zitten en begint door een tijdschrift te bladeren, zonder dat ze wat leest. De minuten lijken echt uren te duren. Als haar vader naar een kwartier teug komt, ziet ze het al: het is goed mis. Britt loopt snel naar haar vader toe. ‘En, is er al wat bekend? Wat heeft ze?’
‘Ga even zitten Britt.’ zegt haar vader. De blik in zijn ogen zegt genoeg.

Haar vader gaat ook zitten. ‘Ze hebben Fenna een hele tijd onderzocht, want de dokter zag meteen dat het niet goed was. Ze had 40.2 graden koorts. Daarom moest ze ook zo snel naar het ziekenhuis. Hier hebben ze heel veel verschillende onderzoeken gedaan. Britt, luister…’ Haar vaders stem begint te trillen. ‘Fenna heeft een tumor. In haar hoofd. Een hersentumor dus.’ Er rolt een traan uit haar vaders ooghoek. Ook Britt begint te huilen. ‘Ze wordt toch wel beter?’ vraagt Britt. Haar vader haalt zijn schouders op. ‘Ze wordt zo snel mogelijk geopereerd. Zo kunnen ze bij de tumor komen en hem weghalen. Als hij goedaardig is.’zegt haar vader. ‘En als hij kwaadaardig is?’ vraagt Britt. Haar vader zucht. ‘Het is afwachten Britt, het is afwachten.’

Britt en haar vader lopen door de lange gang van het ziekenhuis. Bij kamer 176 staan ze stil. ‘Hier is het.’ zegt haar vader. Britt loopt naar binnen. Daar ligt Fenna. Het bed lijkt veel te groot voor haar. Wat lijkt ze zo klein, en kwetsbaar, denkt Britt. Ze gaat naast haar moeder voor het bed zitten. ‘Hoe is het met haar?’ vraagt Britt aan haar moeder. Ze heeft geen idee wat ze anders moet zeggen. ‘Ze slaapt nu. Morgenochtend wordt ze geopereerd. Ze heeft veel rust nodig nu.’antwoordt haar moeder alsof het een automatisme is. Volgens mij heeft mam helemaal niet door dat ik er ben, denkt Britt. Ze kijkt haar vader aan. ‘Britt, is het goed dat je vannacht bij Christine blijft slapen? Mama en ik blijven liever bij Fenna.’ Britt knikt. Weer voelt ze tranen opkomen. Verdorie, hou je nou eens goed! denkt ze bij zichzelf. ‘Dan breng ik Britt nu naar Monique, ik ben binnen een half uur weer terug.’zegt haar vader. Haar moeder knikt. Britt loopt naar Fenna. Zachtjes geeft ze haar een kus op haar voorhoofd. Ze voelt warm aan. Ook haar moeder geeft ze een kus. Snel loopt ze de kamer uit. Ze heeft frisse lucht nodig.
Als Christine de voordeur opendoet kan Britt zich echt niet meer inhouden. Huilend omhelst ze Chris.

‘En hoe gaat het nou verder met Fenna?’ Christine, Mark en Britt zitten op Chris haar kamer. ‘Ik weet het echt niet. Ik weet ook helemaal niks over hersentumoren, hoe gevaarlijk het is enzo. Ik weet alleen dat de tumor niet kwaadaardig moet zijn.’ zegt Britt. Chris kijkt haar aan. ‘Als je wil, mag je wel even op internet kijken? Daar staat vast wel informatie op over hersentumoren.’zegt Chris. ‘Graag,’ zegt Britt. Met z’n drieën lopen ze naar de computerkamer. Als Mark voor Britt de computer opstart voelt Britt de hand van Christine op haar schouder. ‘Ik vind het echt lief van jullie dat jullie er voor me zijn, maar ik wil nu graag even alleen zijn.’ zegt Britt. Mark en Chris knikken begripvol en lopen de kamer uit.
Britt kijkt op verschillende sites rond. Op alle sites staat eigenlijk hetzelfde:

Een hersentumor is een bepaalde vorm van kanker. In totaal zijn er meer dan honderd verschillende vormen van kanker. De vorm wordt bepaald door de plaats in het lichaam waar de ziekte ontstaat. Elke vorm is een andere ziekte met eigen kenmerken, klachten, behandelmethoden en kansen op genezing. Echter één ding hebben deze ziektes gemeenschappelijk: er is sprake van een ongeremde celdeling. Bij kanker gaan cellen zich zonder noodzaak delen. De cellen die ontstaan hebben bovendien een afwijkende vorm, en kunnen niet goed functioneren. Bij uitbreiding van het aantal kankercellen ontstaat een veelvoud van deze afwijkende cellen. Deze vormen een kwaadaardige tumor. Als de tumor groter wordt kan deze druk uitoefenen op het omringende weefsel. Naast kwaadaardige tumoren komen ook goedaardige tumoren voor. Soms is het nodig een goedaardige tumor te verwijderen, bijvoorbeeld als deze klachten veroorzaakt. Gewoonlijk komt de tumor daarna niet meer terug. Alleen bij een kwaadaardige tumor is er sprake van kanker.

Kanker. Wat een rotwoord, denkt Britt. Haar kleine zusje heeft misschien kanker. Het woord blijf in haar hoofd rondspoken. Kanker. Chris komt de kamer binnenlopen. ‘Je vader aan de telefoon.’ Chris kijkt bezorgt. Britt pakt de telefoon aan. ‘Met Britt’. ‘Britt, met je vader. Het gaat slechter met Fenna. Ze heeft net een zware epileptische aanval gehad, haar toestand is kritiek. Ze gaan haar nu meteen opereren omdat er geen tijd te verliezen is. Het heeft geen zin om naar het ziekenhuis te komen want je mag toch niet bij haar.’ Britt weet niks uit te brengen. ‘Wanneer mag ik wel komen?’ vraagt ze na een tijdje. ‘Morgenvroeg. Dan weten we meer. Probeer een beetje te slapen, oké?’ is het antwoord. Britt hoort hoe goed haar vader zijn best doet om zich goed te houden. ‘Ze gaat toch niet dood?’ vraagt Britt nog. Maar de verbinding is al verbroken. Met tranen in haar ogen kijkt ze naar de telefoon. ‘Het gaat slecht met Fenna. Ze gaan haar zo opereren.’ zegt ze tegen Chris, die haar vragend aankijkt. ‘Misschien is het beter als je nu probeert te slapen. Het is een lange dag geweest.’zegt ze. Britt knikt.
Maar hoe ze ook in slaap probeert te komen, het lukt haar niet. Er spoken allemaal gedachten door haar hoofd. Gedachten dat ze liever voor Fenna had moeten zijn, dat ze niet zo snel kwaad had moeten worden en dat ze meer dingen met haar had moeten doen. Haar kussen wordt nat van de tranen. Ik ga echt liever voor haar zijn, en veel dingen met haar doen, als ze beter is. Als ze beter wordt…denkt Britt. Huilend valt ze in een lichte slaap.

Als Britt de volgende ochtend wakker wordt, ligt ze eerst een tijdje stil te denken. Wat ging gisteren alles snel, denkt ze. Eerst was ze nog gezellig wezen winkelen met Mark en Christine, toen lag Fenna opeens ziek op bed en moest ze snel naar het ziekenhuis, en nu weten ze al dat ze een tumor heeft en is ze waarschijnlijk al geopereerd! Snel staat Britt op. Ze kijkt op de klok en ziet dat het nog maar half acht is. Veel te vroeg dus. Nou ja, alles beter dan hier blijven wachten, denkt ze. Ze kleedt zich aan. Voorzichtig kijkt ze even bij Chris, maar die slaapt nog. Britt schrijft een kort briefje waar in staat dat ze alvast naar het ziekenhuis is. Zachtjes slaat ze de deur achter haar dicht, en fietst naar het ziekenhuis.

Na een half uur flink doorgetrapt te hebben, komt ze zwetend en met een rood hoofd bij het ziekenhuis aan. Maar dat merkt ze niet eens. Voor de tweede keer in twee dagen loopt ze naar de receptie. ‘Ik ben de zus van Fenna Thijssen, waar kan ik haar vinden?’ vraagt Britt. ‘Even zoeken…Thijssen…’ Langzaam typt het meisje de letters in. Vandaag nog? denkt Britt. ‘Fenna Thijssen ligt op de IC afdeling, ik denk niet dat je bij haar mag.’ Maar het laatste hoort Britt al niet eens meer. Fenna ligt op de intensive care! Dat betekent dus dat ze haar dag en nacht in de gaten moeten houden! Snel zoekt ze de IC – afdeling op. Op de lange gang ziet ze haar ouders zitten. Haar moeder, bleek, met kringen en haar haar zit helemaal door de war. En haar vader, net zo bleek. ‘Mam?.. Pap? Hoe is het met Fenna?’ vraagt ze. Haar vader gebaart naar de stoel naast hem. ‘Kom eens naast me zitten Britt.’ zegt hij.
‘Ze hebben Fenna vannacht met spoed geopereerd. Ze hebben in haar hoofd gekeken om te kijken hoe de tumor er uit ziet. Ze hebben ook weefsel weggehaald en dat onderzoeken ze nu, om te kijken of de tumor kwaadaardig is of niet. Toen ze haar gisteren opereerden, zagen ze dat de tumor al ontzettend groot was, en hij oefent een hele grote druk op de hersenen uit. De artsen snappen ook niet dat Fenna niet heeft aangegeven dat ze pijn had. Want dat moet ze zeker gehad hebben.’zegt haar vader. Misschien was ze de laatste tijd daarom wel zo kwaad, denkt Britt. ‘Maar ook al is de tumor goedaardig,’gaat haar vader verder, ‘hij moet sowieso verwijdert worden. En dat is nou juist het probleem. De tumor ligt te diep en tussen de hersenen, zodat de chirurg er nooit bij kan.’ vertelt haar vader. Al die tijd heeft Britt stil zitten luisteren. ‘En wat houdt dat dan in?’ vraagt ze. ‘Ze kunnen de tumor niet verwijderen bij Fenna. Als ze hem verwijderen, beschadigen ze een groot deel van de hersenen. Zo’n groot deel dat het haar dood betekent.’ zegt haar vader. ‘En als ze niet geopereerd wordt?’vraagt Britt bang. Het is een tijdje stil.

Opeens barst haar moeder, die de hele tijd nog niks gezegd heeft, in tranen uit. ‘Ze gaat dood! Er is niks meer aan te doen Britt, snap dat dan! Ze gaat gewoon hartstikke dood!’ schreeuwt haar moeder opeens. De mensen die door de gang lopen kijken haar verschrikt aan. Britt’s vader loopt snel op haar moeder af, en probeert haar te kalmeren. Maar het helpt niet. Ze blijft schreeuwen. Britt kan het niet meer aanhoren en loopt de afdeling af. Verblindt door haar tranen ziet ze niet waar ze heen loopt. De stem van haar moeder spookt door haar hoofd. Ze gaat dood…dood…DOOD! Het dringt allemaal niet meer tot Britt door. Binnen in haar hoofd is het een warboel. Fenna mag niet dood gaan, denkt ze. Dat mag echt niet. Ze heeft niets verkeerd gedaan, ze is nog zo jong, het mag gewoon niet! Snikkend loopt Britt verder, ze heeft ondertussen geen idee meer waar ze is. Totdat ze vanuit haar linkerooghoek baby’s ziet. Ze is op de kraamafdeling. ‘Ze gaat dood’, de drie woorden spoken door haar hoofd. En dan wordt alles zwart voor haar ogen.

‘Hee, meisje, gaat het weer een beetje?’Britt doet haar ogen open en kijkt recht in twee heldere, blauwe ogen. ‘Je viel zomaar op de grond net!’ zegt de jongen. ‘Waar…waar ben ik? En wie ben jij?’vraagt Britt versuft. Ze kijkt even goed om haar heen en ze ziet dat ze in een kamertje ligt. Waarschijnlijk een lege kamer in het ziekenhuis, denkt ze. ‘Nou dan zal ik me maar even voorstellen hè,’zegt de jongen. ‘Ik ben Alec, en ik loop stage hier. Ik was net mijn ronde aan het doen op de kraamafdeling, en toen zag ik jou op de grond liggen. Ik vond het ook zo sneu om je daar te laten liggen dus ik heb je hier maar even neergelegd.’ De jongen lachte. ‘O,’ was het enige woord wat Britt uit kon brengen. ‘Ja en nu wil ik eigenlijk wel weten wie jij bent.’ vragend kijkt Alec haar aan. Ik ben Britt, ik ben hier voor mijn lol en mijn zusje ligt hier dood te gaan, verder gaat alles helemaal oké, wil Britt zeggen. ‘Ik ben Britt,’ zegt ze in plaats daarvan. ‘En wat brengt jou op deze zonnige dag dit ziekenhuis in?’ vraagt Alec. Zijn humor bevalt Britt helemaal niet. Zonder dat ze het wil begint ze opeens weer te huilen. Alec schrikt. Met horten en stoten vertelt ze hem over Fenna.

‘En nu moet ik echt weer naar mijn zusje,’zegt Britt als ze klaar is met vertellen. ‘Misschien is ze wakker.’ Als Britt van het bed op wil staan, houdt de hand van Alec haar tegen. ‘Als je steun nodig hebt, of wat dan ook, je kan altijd naar me toekomen. Ik loop hier wel ergens op de kraamafdeling rond.’ zegt hij. Britt knikt dankbaar, en nog een beetje slapjes loopt ze weer terug naar de IC – afdeling. Eigenlijk is het ook niet zo vreemd dat ze is flauw gevallen, denkt ze bij zichzelf. Ze heeft vanaf gistermiddag nauwelijks meer iets gegeten. Maar ze hoeft op dit moment ook echt niet te denken aan eten. Het enige waar aan ze kan denken is Fenna. Op de afdeling aangekomen, ziet ze haar vader al zitten. ‘Waar is mama?’ vraagt Britt. ‘Die is bij Fenna. Er mag steeds één persoon bij haar.’ zegt haar vader. ‘Is ze wakker?’ vraagt ze. Haar vader schudt zijn hoofd. ‘Ik was nog niet klaar met vertellen zonet Britt. Ik moest je nog zeggen dat de operatie van gisteren te zwaar was voor Fenna. Daardoor is ze in coma geraakt. Nog een operatie zou te zwaar voor haar zijn Britt, dat redt ze niet…’ Britt laat dit alles even tot zich doordringen. ‘Maar om er voor te zorgen dat ze niet doodgaat, moet die tumor er toch uit?’ vraagt Britt. ‘Ja meisje, dat moet inderdaad. Maar de conditie van Fenna is veel te slecht, en daar komt ook nog eens bij dat de tumor op een plaats ligt waar de artsen niet goed bij kunnen. Het ziet er ontzettend slecht voor Fenna uit.’ Net als haar vader is uitgesproken, komt er een arts op hun af. ‘We hebben ontzettend snel het weefsel van Fenna onderzocht,’zegt de arts. Het is een korte tijd stil. ‘Misschien wilt u even meelopen?’ zegt hij tegen de vader van Britt. Als deze op wil staan, houdt Britt hem tegen. ‘Ik heb er net zoveel recht op om te weten wat er aan de hand is!’ zegt Britt. Haar vader en de arts kijken elkaar even aan. ‘Kom dan maar mee,’zegt de arts.

Als ze in een kamer zitten begint de arts zijn verhaal. ‘Zoals u weet heeft Fenna een tumor. U weet ook dat die tumor erg moeilijk te verwijderen is.’ Het is een tijdje stil. Zeg nou maar gewoon waar het opstaat, denkt Britt. De arts gaat verder met praten. ‘Wij hebben vannacht wat weefsel van de tumor weg gehaald, en dat hebben we onderzocht.’ Het is weer even stil. ‘Het is kwaadaardig hè?’vraagt Britt’s vader. Britt kijkt van de arts naar haar vader, en weer terug. De arts knikt. ‘Het spijt me, om u dit te moeten vertellen. Omdat de tumor al zo groot is, is de kans erg groot dat de kanker zich al heeft uitgezaaid door haar hele lichaam.’ Britt voelt een bonkende hoofdpijn opkomen. ‘En wat kunnen we doen om haar in leven te houden?’vraagt Britt zachtjes. Weer is het een tijdje stil. ‘Meneer Thijssen, het spijt me u dit te moeten zeggen, maar de kans is erg klein dat uw dochter uit haar coma ontwaakt. Fenna’s lichaam werkt nog wel, maar haar hersenen nauwelijks nog. Ik heb het al aan uw vrouw verteld, ze is erg overstuur. Misschien kunt u nu beter naar haar toe gaan.’ Britt’s vader staat op. Britt zit stil voor zich uit te staren. ‘Britt, kom je mee?’ haar vader kijkt Britt aan. De tranen staan in zijn ogen. Ook Britt voelt weer warme tranen langs haar wangen glijden. Ze pakt de hand van haar vader en samen lopen ze naar de kamer van Fenna.
‘Ik ga even naar mama toe,’ zegt Britt’s vader als ze voor de kamer van Fenna staan. ‘Je mag wel even bij Fenna kijken als je wilt.’ Haar vader strijkt eventjes door haar haar. Dan loopt hij naar de kamer waar Britt haar moeder hoort huilen. Ze wou dat zij even met haar moeder kon praten. Maar ze dringt gewoon niet tot haar door. Het hele gebeuren dringt ook niet echt tot Britt door. Het gaat allemaal als een soort waas aan haar voorbij. Eigenlijk durft ze ook niet zo goed naar Fenna toe te gaan. Ze is bang voor wat ze te zien krijgt. Britt heeft nog nooit iemand gezien die in coma ligt.

Maar hoe bang ze ook is, toch gaat ze de kamer van Fenna in. Ze ligt aan allemaal slangetjes en er staan veel apparaten naast haar bed. Britt blijft bij de deuropening staan. Ze heeft geen idee hoelang ze daar gestaan heeft, totdat ze een stem achter haar hoort. ‘Durf je niet naar binnen?’ Britt draait zich om. Achter haar staat Alec. Britt schudt haar hoofd. ‘Zal ik met je mee gaan dan?’vraagt Alec aan Britt. ‘Er mag maar één persoon tegelijk naar binnen.’ antwoordt Britt. Alec duwt haar een stukje verder de kamer in. ‘Maar ik werk hier, dus dan mag het,’ zegt Alec met een knipoog. Langzaam loopt Britt naar Fenna toe. Ze heeft een verband om haar hoofd en ze ziet nog steeds erg bleek. Ze ademt zachtjes. ‘Het lijkt net of ze slaapt,’ fluistert Britt. De hand van Alec rust op haar schouder. ‘Dat doet ze ook,’zegt hij, ‘alleen wat dieper dan anders. Men zegt dat comapatiënten alles horen wat er om hun heen wordt gezegd. Zeg maar iets tegen haar.’
‘Ik heb geen idee wat ik moet zeggen,’ zegt Britt, terwijl ze naar Fenna blijft kijken. ‘Normaal praatte ik ook nooit echt met haar’ Er viel een korte stilte. ‘Had ik dat maar wel gedaan.’ zegt Britt met trillende stem. ‘Misschien moet je een liedje voor haar zingen, ik weet zeker dat ze dat hoort.’ zegt Alec. ‘Welk liedje vindt ze leuk?’ vraagt hij. Britt denkt even na. Als Fenna in een goed humeur was, zongen ze samen wel eens mee met een cassettebandje van Fenna. Fenna zong altijd luidkeels mee met “Dikkertje Dap”, ook al verstond vaak niemand er wat van. ‘Dikkertje Dap,’zegt Britt daarom. Zachtjes begon Britt te zingen. Ze schaamde zich eigenlijk een beetje. Maar na een paar regels begon Alec mee te zingen. Britt glimlachte, en samen zongen ze Dikkertje Dap voor het bleke, magere meisje dat zonder enige beweging in het veel te grote bed lag.



Opeens begint één van de apparaten, die naast het bed van Fenna staat, te piepen. Op hetzelfde moment begint Fenna hevig te schudden. Britt schrikt en laat Fenna snel los. ‘Wat doet ze? Waarom doet ze zo raar? Doe iets!’ schreeuwt ze tegen Alec. Eerst staat Alec een tijdje verschrikt te kijken. Dan lijkt het alsof hij weet wat er gebeurd. Snel drukt hij op de alarmknop. Hij duwt snel iets in de mond van Fenna, zodat ze niet op haar tong bijt. Er komen artsen binnen en ze gaan om Fenna staan, zodat Britt niet ziet wat er gebeurd. Een zuster neemt Britt mee naar buiten. ‘Waarom mag ik er niet bij zijn?’Britt rukt zich van de zuster los. Dan komen haar ouders er aan lopen. ‘Wat is er aan de hand?’ vraagt haar vader. ‘Fenna heeft haar tweede epileptische aanval. U moet hier even wachten totdat het over is.’zegt de zuster, en ze loopt weer naar binnen. Na een kwartiertje komen de artsen weer naar buiten. ‘De aanval is over, maar we zijn haar nog even aan het onderzoeken. Dat duurt nog wel een tijdje.’ zegt één van de artsen. ‘Gaat u in tussentijd alstublieft even iets anders doen, anders redt u het niet.’zegt de arts met een bezorgde blik op de moeder van Britt. ‘Laten we even gaan eten,’ zegt Britt’s vader. Britt kijkt op haar horloge; het is alweer half vier ’s middags! In de eetruimte van het ziekenhuis bestellen ze alledrie een broodje. Niemand zegt wat. Er is een ongemakkelijke stilte. Als Britt naar haar moeder kijkt, ziet ze dat ze alweer huilt. Daar kan Britt niet tegen en zelf begint ze ook weer. ‘Kom op meisjes, ik weet hoe moeilijk het allemaal is, maar we moeten nu proberen om er zo goed mogelijk voor Fenna te zijn.’probeert Britt’s vader hun op te peppen. Britt heeft moeite om haar broodje weg te krijgen, ze heeft het gevoel alsof ze er elk moment in kan stikken. Het liefst wil ze gewoon weer naar Fenna terug. Ook haar moeder laat de helft van het broodje liggen. ‘Wanneer kunnen we weer terug naar Fenna?’vraagt Britt. ‘We gaan zo,’ zegt haar vader, ‘maar we mogen nu toch nog niet bij haar.’ Britt’s moeder staat op en loopt zonder wat te zeggen weer naar de IC-afdeling. Op haar bord ligt een half opgegeten broodje. ‘Waarom praat ze niet meer met me?’ vraagt Britt aan haar vader. ‘Je moeder heeft het er echt heel erg moeilijk mee Britt, ze weet niet meer goed wat ze doen moet om Fenna te helpen, en dat is heel erg frustrerend voor haar. Haar gedachten zijn alleen bij Fenna, wat er in haar omgeving gebeurt, vergeet ze.’ Britt’s vader staat ook op. ‘Ga je mee? Misschien zijn ze inmiddels klaar met Fenna,’ zegt hij. Britt staat op en loopt achter haar vader aan.

Als Britt en haar vader bij de kamer van Fenna aankomen, praat de arts met Britt’s moeder. Als hij uitgesproken is, loopt hij naar Britt’s vader toe. ‘De toestand van Fenna is hetzelfde, nog steeds kritiek. Maar nogmaals…’ De arts kijkt even naar Britt. ‘Houdt u er alstublieft rekening mee dat ze niet meer wakker wordt.’ De arts aait even over Britt’s haar, en legt zijn hand even op de schouder van Britt’s vader. Dan loopt hij verder.

Het is inmiddels avond geworden en Britt begint moe te worden. Haar vader ziet het. ‘Misschien moet je naar huis gaan, om even te slapen.’zegt hij. Britt schudt haar hoofd. ‘Geen sprake van, ik blijf hier, bij Fenna.’ Haar vader zucht. ‘Je moet toch slapen Britt, ga alsjeblieft naar huis!’ Maar Britt vertikt het. ‘We hebben eventueel wel een kamer over hier op de afdeling,’hoort Britt ineens achter haar. Het is Alec weer. ‘Daar mag je wel slapen, als je wilt?’ Britt kijkt dankbaar naar Alec, en dan naar haar vader. Haar vader haalt zijn schouders op. ‘Vooruit, als dat is wat je wilt..’ zegt hij dan.
Die nacht slaapt Britt beter dan de vorige nacht. Ze is ook ontzettend moe, en valt meteen in een diepe slaap. Maar ze slaapt niet lekker. Ze droomt over Fenna. Over de ruzies die ze vaak met haar had, over Dikkertje Dap, en over de tumor. In haar droom groeit de tumor ontzettend snel. Zo snel dat het hoofd van Fenna steeds groter wordt. Na een tijdje is het hoofd van Fenna zo groot dat het lijkt te ontploffen. ‘NEE!’ schreeuwt Britt. Zwetend en huilend wordt ze wakker. De rest van de nacht ligt ze te woelen in haar bed.

De volgende ochtend wordt ze met een flinke hoofdpijn wakker. Ze draait zich nog eventjes om, ze voelt zich echt niet lekker. Na een kwartiertje hoort ze haar kamerdeur opengaan. ‘Slaap je nog?’ Britt draait zich om. In de deuropening staat Alec. In zijn handen heeft hij een dienblad. ‘Nu niet meer.’zegt Britt. Ze gaat recht op zitten. De hoofdpijn is al een beetje verminderd. ‘Is dat voor mij?’vraagt ze. Alec knikt. Hij zet het dienblad naast het bed. Er staat sinaasappelsap op, een croissant, en een lekker eitje. Ook ligt er een roos op. Er zit een kaartje aan.

Ik wens je veel sterkte in deze tijd, en je weet het: ik ben er voor je. Je hebt er een vriend bij. Liefs, Alec.

Britt krijgt weer tranen in haar ogen. ‘Wat lief Alec, dank je wel,’zegt ze. Alec gaat naast haar op het bed zitten. ‘Ik meen wat er opstaat Britt.’ Alec slaat een arm om haar heen, en houdt haar stevig vast. Voor een klein moment voelt Britt zich veilig. Bij Alec voelt ze zich vertrouwd. ‘Sorry, maar ik moet verder gaan met mijn ronde,’zegt Alec. ‘Eet smakelijk.’ Alec staat op en wil de kamer uit lopen. ‘Alec?’ zegt Britt. Ze wacht een tijdje. ‘Bedankt…voor alles.’ Alec glimlacht even en loopt dan de kamer uit.

Als Britt zich heeft aangekleed, gaat ze even bij Fenna kijken. Als ze haar kamer wil binnenlopen, ziet ze dat haar ouders al bij Fenna zijn. Als ze terug wil gaan om op de gang te wachten, roept haar vader haar binnen. ‘Kom er maar even bijzitten Britt.’zegt hij. Britt gaat naast haar moeder zitten, en legt haar hand op die van haar moeder. Haar moeder trekt haar hand weg, en pakt de hand van Fenna. Britt begrijpt er niks van, waarom doet ze nou zo raar? Ze kijkt naar haar vader. Hij heeft het niet gezien. Zijn blik is de hele tijd op Fenna gericht. Misschien moet ik me ook niet zo aanstellen, denkt Britt. Fenna ligt hier doodziek en ik vraag hier een beetje om aandacht. Ik kan beter straks terugkomen, denkt ze. ‘Ik ga even een blokje om.’ zegt Britt daarom. Haar vader knikt. Van haar moeder krijgt ze geen reactie.
Britt besluit om maar een rondje door het ziekenhuis te gaan lopen. Terwijl ze loopt, probeert ze al haar gedachten op een rijtje te zetten. Britt kan, en wil nog steeds niet geloven dat Fenna het niet haalt. Ze kan zich geen leven voorstellen zonder Fenna. Ze wil het zich ook niet voor kunnen stellen. Fenna mag niet dood. Het mag gewoon niet...

Na een half uurtje rond gelopen te hebben, loopt Britt weer terug naar de afdeling. Ze kijkt in Fenna’s kamer. Haar ouders zijn weg, dus ze loopt naar binnen. Behalve de zachte geluiden van de apparaten is het stil in de kamer. Britt kijkt even om zich heen. Wat is het hier ongezellig, denkt ze. Behalve een paar knuffels en een paar kaartjes is de kamer wit. Britt gaat naast het bed zitten. Voorzichtig pakt ze de hand van Fenna. Zachtjes streelt ze haar hand. Ook aait ze door Fenna’s haar. Britt weet niet hoelang ze daar gezeten heeft, als ze voelt dat er in haar hand geknepen wordt. Britt kijkt op en ziet dat Fenna haar ogen open heeft. Ze is wakker! Fenna kijkt haar aan. Britt durft niet te bewegen. Ze ziet dat Fenna iets probeert te zeggen. ‘Britt….lief…’ Met moeite kan Britt het verstaan. Dan begint opeens één van de apparaten te piepen. Britt schrikt en kijkt naar Fenna. Haar ogen zijn gesloten. Het enige wat Britt nog hoort is een lange, hoge pieptoon…







Even staat Britt als bevroren te kijken. Wat gebeurt er? Op hetzelfde moment komen er allemaal artsen de kamer binnen. Ze praten allemaal door elkaar. Eén arts begint Fenna te reanimeren. Het lijkt niet op te houden. Dan wordt Britt de kamer uitgebracht. Ze stribbelt tegen, maar het helpt niet. ‘Laat me los! Ik wil erbij blijven, laat me los!’ schreeuwt Britt. Ze is woedend. Ze wil bij Fenna blijven! Tranen stromen over haar wangen. Ze wordt op een stoel in de gang gezet. Huilend staat ze weer op, maar ze wordt tegengehouden door twee sterke armen. Het is Alec. ‘Rustig Britt, je kan nu niks voor haar doen. Je moet echt hier blijven, want anders loop je de artsen in de weg, dat wil je toch ook niet?’ zegt Alec. Britt wordt een beetje rustiger. Wat gebeurt er toch allemaal, denkt ze. Dan ziet ze haar ouders. Ze omhelst haar moeder, maar ze duwt Britt van zich af. Ze loopt naar Fenna’s kamer, maar ook zij wordt tegengehouden. Ze begint te schreeuwen. ‘Laat me er langs, verdomme laat me er langs! Ik ben haar moeder!’ Maar het helpt niet. Britt’s vader pakt zijn vrouw bij haar hand en zet haar op een stoel. Britt zit stil op een stoel voor zich uit te kijken. Minuten lijken uren te duren. Ze trilt helemaal. Alec merkt het, hij slaat een arm om haar heen en houdt haar stevig vast. Britt kan niet meer normaal denken. Allerlei gedachten spoken door haar hoofd. ‘Ze was wakker.’zegt Britt. Alec kijkt haar aan. ‘Wat zeg je nou?’ Britt herhaalt het nog een keer. ‘Fenna was net wakker. Ze kneep in mijn hand en had haar ogen open.’
Net als Alec iets wil zeggen komen de artsen uit Fenna’s kamer lopen. Opeens is het ontzettend stil op de gang. Iedereen kijkt naar de artsen en wacht op de woorden die de arts elk moment kan gaan zeggen.

Britt kijkt vol afwachting naar de arts. Die kijkt naar de ouders van Britt. Hij schudt zijn hoofd. Meteen barst Britt’s moeder in tranen uit, en begint hard te huilen. Ook haar vader begint te snikken. Britt staart naar de arts. Wat bedoelt hij nou? Hij heeft toch nog niks gezegd? Britt begrijpt er niets van. Ze kijkt naar Alec. Ook bij hem staan de tranen in zijn ogen. De arts begint te praten. ‘Fenna heeft waarschijnlijk een hartstilstand gehad. Haar lichaam kon de tumor niet meer aan, en heeft het opgegeven.’ zegt hij. Nog steeds beseft Britt het niet. ‘Ze was net nog bij kennis,’zegt ze. ‘Ze had haar ogen open en kneep in m’n hand. Ze zei zelfs nog dat ze me lief vond!’ gaat Britt verder. ‘Het spijt me,’ zegt de arts. ‘We hebben er alles aan gedaan om te proberen haar hart weer aan het kloppen te krijgen. Het is niet gelukt. Het spijt me ontzettend.’ De arts legt een hand op Britt’s schouder. ‘NEE!’ schreeuwt Britt. ‘Ze is niet dood! Dat kan helemaal niet!’snikt ze. Ze duwt de hand van de arts weg en rent de gang uit. ‘Britt! Wacht!’ roept Alec. Maar Britt is al weg.

Ik wil hier weg, ik wil het ziekenhuis uit, denkt Britt. Ze rent door alle gangen heen. Ze ziet nauwelijks nog iets door alle tranen. Ze merkt dat ze tegen mensen opbotst. Ze rent zo hard ze kan het ziekenhuis uit. Britt blijft rennen, ze heeft geen idee waar heen. Haar hoofd is leeg. Er zitten geen gedachten meer in. Ze blijft rennen. Ze steekt straten over, zonder uit te kijken. Britt hoort getoeter van auto’s, geschreeuw van mensen, maar alles gaat langs haar heen. Opeens staat ze voor het huis van Chris. Voordat ze aan kan bellen, doet Monique de deur al open. ‘Britt, meisje! Wat is er aan de hand!’ roept Monique verschrikt. ‘Fenna…dood…’ snikt Britt. Monique neemt Britt mee naar binnen. Ze zet haar op de bank. Chris geeft haar een glas water. Het voelt alsof Britt niet meer kan huilen. Haar tranen zijn op. Chris en haar moeder kijken Britt aan, benieuwd wat ze gaat zeggen. Maar Britt zegt niks. Ze krijgt niets meer uit haar mond. Er is maar een ding waar Britt aan kan denken: Fenna, haar kleine zusje, is er niet meer. En ze komt nooit meer terug.




Nadat Britt een half uur zonder iets te zeggen op de bank heeft gezeten, vraagt Chris voorzichtig wat er nou precies gebeurd is. ‘Ik..ik was bij Fenna. Toen kneep ze in mijn hand en ze had haar ogen open. Ze zei dat ze me lief vond…’ Britt onderdrukt een snik, en gaat verder met praten. ‘Toen begon één van de apparaten op eens te piepen, en voordat ik het wist waren ze Fenna aan het reanimeren.’ In de kamer is het doodstil. Dan begint ook Christine te snikken. ‘Fenna is dood.’zegt Britt. Dan staat ze op en loopt zonder nog wat te zeggen het huis uit.

Het is laat en donker buiten. Het is een heel eind lopen naar het ziekenhuis, maar het maakt Britt allemaal niks meer uit. Ze loopt…en loopt…Ze kijkt om zich heen, zonder wat te zien. Rond elf uur ’s avonds komt ze bij het ziekenhuis terug. ‘Britt, eindelijk, daar ben je. Ik heb me zo ongerust gemaakt!’roept haar vader als hij zijn dochter ziet. Hij ziet er ontzettend slecht uit. Hij omhelst Britt en geeft haar een kus op haar voorhoofd. ‘Waar is mama?’vraagt Britt. ‘Die is bij Fenna. Als je wil, mag je zo ook bij haar kijken.’zegt haar vader. Britt schudt haar hoofd. Dan ziet ze Alec. Zodra ze hem ziet, begint ze weer te huilen. Ze wil helemaal niet huilen! Alec loopt op haar af en omhelst haar. Britt houdt zich echt niet meer goed, en blijft een kwartier staan huilen, terwijl Alec haar stevig aankruipt. ‘Misschien kun je beter gaan slapen Britt,’zegt Alec als ze weer een beetje tot rust is gekomen. ‘Ik kan toch niet slapen, papa en mama blijven hier in het ziekenhuis, ik wil bij ze blijven.’ antwoord Britt zachtjes. Alec gaat zitten en wijst op de stoel naast hem. ‘Kom dan in ieder geval even bij me zitten.’zegt hij. Britt gaat naast hem zitten en legt haar hoofd op zijn schouder. Na een tijdje valt ze in een onrustige slaap.

Als ze die ochtend wakker wordt, ligt ze op bed. Ze heeft geen idee hoe ze daar terecht is gekomen, maar waarschijnlijk heeft Alec haar daar neergelegd. Dan herinnert ze zich alles weer. Ze kleedt zich aan en loopt de gang van het ziekenhuis op. Ze ziet Alec, die bezig is met zijn ronde. Zodra Alec haar ziet loopt hij op haar af. ‘Hee meisje, hoe voel je je nou?’vraagt hij. Britt haalt haar schouders op. ‘Ik weet niet wat ik voel,’zegt ze. ‘Eigenlijk voel ik helemaal niets...’

Britt zit in een soort van roes. De dag gaat voorbij zonder dat ze het door heeft. Er komen veel mensen langs in het ziekenhuis. Haar oma. Haar andere opa & oma. Chris, Mark en Monique. Verder nog allemaal mensen die ze nauwelijks kent. Iedereen huilt, en praat. Ze proberen allemaal Britt’s moeder zoveel mogelijk te troosten. Die heeft de hele dag nog niks anders gedaan dan huilen.
Britt merkt het allemaal nauwelijks. Ze zit op een stoel. Ze hoort niks, zegt niks, eet niks. Als Christine met haar probeert te praten, reageert ze nauwelijks. Ze knikt maar een beetje. Ze is bang dat als ze begint te praten, ze weer begint te huilen. Britt vindt dat ze zich sterk moet houden tegenover haar ouders. Ze hebben het al zo moeilijk, als ze dan ook nog voor Britt moeten zorgen, wordt er helemaal teveel voor ze. Daarom probeert Britt zich goed te houden. Rond vijf uur komt Alec weer langs. Hij duwt een broodje in haar handen. ‘Dit moet je even opeten Britt, kom op.’ zegt hij dwingend. Met lange tanden en ontzettend langzaam kauwt ze het broodje op. Alec gaat naast haar zitten. ‘Je bent nog niet bij Fenna geweest of wel?’ vraagt hij. Britt schudt haar hoofd. ‘Als je wil, kunnen we er vanavond samen even heen gaan. Ik dwing je tot niets hoor, als je het niet wil moet je het zeggen.’ zegt Alec. ‘Graag Alec, ik wil graag even naar haar toe.’zegt Britt. Alec geeft haar een kus op haar wang. ‘Ik ben trots op je,’zegt hij. Britt kijkt hem verbaast aan. ‘Waarom?’ vraagt ze. ‘Gewoon, ik ben gewoon trots op je…’ zegt Alec met een glimlach.

Laatst gewijzigd op 03-07-2003 om 10:39.
Met citaat reageren
Advertentie
Oud 02-07-2003, 15:56
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
leuk dat er ook iemand reageert... *ja verder ben ik wel geduldig*
Met citaat reageren
Oud 02-07-2003, 16:53
Giles
Avatar van Giles
Giles is offline
vervelend he?
groetje, nina
Met citaat reageren
Oud 02-07-2003, 17:21
Sasbeest
Avatar van Sasbeest
Sasbeest is offline
Mooi verhaal! Ik kwam in er in het begin niet meteen in met lezen, maar daarna heb ik het in 1 ruk uitgelezen. Mooi mooi mooi!
__________________
Liefde was als de regen, ze veranderde in ijs of verdween
Met citaat reageren
Oud 02-07-2003, 17:29
*is gek*
Avatar van *is gek*
*is gek* is offline
ik sluit me bij ikje13 aan. het is een heel mooi verhaal.
Met citaat reageren
Oud 02-07-2003, 18:45
Nolita
Avatar van Nolita
Nolita is offline
Héél mooi.
__________________
GET OUT! GET OUT! GET OUT!
Met citaat reageren
Oud 02-07-2003, 19:27
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
thnx allemaaaal Komt weer een stukje aan!
Met citaat reageren
Oud 02-07-2003, 19:33
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
Die avond gaat Britt samen met Alec naar Fenna kijken. Morgenvroeg wordt Fenna naar huis gebracht, en daar blijft ze tot de begrafenis. Als ze voor de deur van de aula staan, stopt Britt. ‘Wil je toch liever niet naar binnen?’vraagt Alec. ‘Ik ga wel naar binnen, maar gun me even de tijd,’ zegt Britt.
Alec knikt begrijpend. ‘Zeg maar wanneer je er klaar voor bent.’ zegt hij. Na een paar minuten is Britt zover. ‘Wil jij eerst naar binnen gaan?’vraagt ze aan Alec. Langzaam loopt Britt achter Alec aan de aula in. In de aula hangt een hele vreemde geur die ze niet kan thuis brengen. Vlakbij de kist blijft Britt staan. Alec staat al naast de kist en kijkt naar het kleine meisje wat er in ligt. ‘Hoe…hoe ziet ze eruit?’vraagt Britt angstig.
‘Het lijkt net of ze slaapt. Het ziet er echt niet eng uit, kom maar kijken Britt.’zegt Alec. Voorzichtig kijkt Britt in de kist. Daar ligt Fenna. Wat ziet ze er mooi uit, denkt Britt. Haar haar zit mooi, en ze ziet er vredig uit. Ze heeft haar lievelingskleren aan, haar roze vestje met haar bruine broek. Naast Fenna ligt Pluisje, haar knuffelkonijn. Alec slaat een arm om Britt heen, als hij ziet dat ze huilt. Zelf merkt Britt het niet eens. Ze staart een hele tijd naar de kist. ‘Ze ziet er vredig uit,’zegt ze dan. Ze begint te snikken. ‘Ik wil naar huis,’ zegt Britt. ‘Wil je me brengen? Papa is namelijk al met mama naar huis. Ik heb genoeg van dit stomme ziekenhuis.’ snikt ze. Alec knikt en neemt haar mee de aula uit.

Als ze in de auto zitten op weg naar Britt’s huis, horen ze op de radio “Time to say goodbye.” Snel drukt Alec de radio uit. De hele rit wordt er geen woord gezegd. Alec weet niet wat hij moet zeggen, en Britt is bang dat als ze gaat praten, ze meteen weer begint te huilen. Alec zet haar voor de deur af. ‘Sterkte meissie, je mag me altijd bellen of langskomen. Dat weet je hè?’ zegt hij als Britt haar gordel losmaakt. Britt knikt. Ze geeft Alec een zoen op z’n wang en een knuffel. ‘Bedankt voor alles, nogmaals…’ zegt ze, en ze stapt snel de auto uit omdat ze weer tranen voelt opkomen. Ze heeft er zo’n hekel aan als mensen haar zien huilen…

Als ze binnenkomt, zit haar vader met zijn hoofd in z’n handen op de bank. ‘Pap…? Ik ben thuis…Waar is mama?’ Haar vader kijkt op. Zijn ogen zijn rood en opgezet. ‘Die ligt met een slaappil in bed. Ze is erg in de war.’zegt haar vader. Britt blijft een tijdje naar haar vader kijken. Dan loopt ze naar de gang. ‘Ik ga ook naar bed pap, tot morgen.’ Ze loopt de trap op. Snel loopt ze langs de kamer van Fenna. Ze doet haar pyjama aan. Dan ziet Britt de foto waar zij en Fenna samen opstaan. Die was vorig jaar gemaakt op vakantie in Italië. Ze staan op een heuvel en achter hen schittert de zee. Britt heeft de foto vergroot en aan de muur gehangen. Snel doet ze het licht uit, zodat ze niet de hele tijd naar de foto hoeft te kijken. Het duurt tijden voordat Britt in slaap valt. Ze heeft nog nooit zoveel gehuild als die nacht. Als ze de volgende ochtend wakker wordt, is haar kussen drijfnat.

Als ze naar beneden loopt, gaat haar vader net weg. ‘Ik ga naar het ziekenhuis, er zijn nog dingen die daar geregeld moeten worden.’zegt hij als hij Britt’s vragende blik ziet. Britt gaat bij haar moeder aan de keukentafel zitten. ‘Wil je koffie?’vraagt Britt, en loopt naar het aanrecht. ‘Dat je nu aan koffie kan denken, vind je het eigenlijk wel erg dat ze dood is? Het komt eigenlijk wel goed uit voor jou hè? Zo krijg jij alle aandacht!’ valt haar moeder uit. Britt schrikt en laat het koffiekopje met inhoud vallen. ‘Wat is dat nou weer voor een opmerking?’ zegt Britt boos. ‘Hoe durf je dat te zeggen!’ Huilend loopt Britt de kamer uit. Ze loopt naar haar kamer en pakt een paar spullen bij elkaar. Ik wil echt niet bij mama thuis blijven, denkt ze. Zonder iets te zeggen loopt ze een kwartiertje later het huis uit. Ze fietst naar Christine. Chris zag haar al aankomen en doet de deur open. ‘Britt? Waarom ben je niet thuis?’ Britt loopt naar binnen en huilend vertelt ze wat haar moeder zei. Monique, Chris en Mark luisteren verbaasd. 'Dit is helemaal niets voor je moeder,' zegt Monique. Ze loopt naar Britt en slaat troostend een arm om haar heen.

Laatst gewijzigd op 03-07-2003 om 10:40.
Met citaat reageren
Oud 02-07-2003, 20:02
Nolita
Avatar van Nolita
Nolita is offline
Heel mooi, tijdens het lezen van het verhaal ga je echt helemaal met Britt meeleven, geweldig.
__________________
GET OUT! GET OUT! GET OUT!
Met citaat reageren
Oud 02-07-2003, 20:41
Verwijderd
Om te beginnen: is een sarcastische smiley...gebruik hem niet overal, staat nogal onvriendelijk. Is maar een tip.

Citaat:
tiram schreef op 02-07-2003 @ 16:22:
Meid, wat zie er weer geweldig uit vandaag, dacht ze bij zichzelf.
Hier staat tegenwoordige en verleden tijd in één zin...'k vind het er een beetje vreemd uitzien, maar misschien ligt dat aan mij.

Citaat:
Door de keiharde wind hingen alle rode lokken die ze ’s ochtends had vastgemaakt in haar staart los langs haar gezicht.
'Keiharde' vind ik spreektaal, ik zou het gewoon op 'harde' houden.

Citaat:
tiram schreef op 02-07-2003 @ 20:33:
Monique, Chris en Mark luisteren verbaasd. 'Dit is helemaal niets voor je moeder', zegt Monique.
Ik heb niet alle interpunctie verbeterd...misschien kun je zelf daar nog eens naar kijken (met name komma's, als in: 'En omdat het ook nog eens regende, zat de mascara verspreid over haar hele gezicht.' en ' 'Ze heeft het niveau van een kind van vier en ze praat met het niveau van een kind van twee.').

Bovenstaand is mierenneukerij natuurlijk, maar goed, er moet toch iets aan te merken zijn ed. 'k vind het idd een goed geschreven verhaal...het boeit, zeg maar, en das al heel wat.

Laatst gewijzigd op 02-07-2003 om 20:44.
Met citaat reageren
Oud 02-07-2003, 21:11
lotjesnotje
Avatar van lotjesnotje
lotjesnotje is offline
echt supppppppper mooi
Met citaat reageren
Oud 02-07-2003, 21:12
Kaas
Avatar van Kaas
Kaas is offline
komt er nog meer?
hope so
xx
__________________
I'll be there, where ever you are...
Met citaat reageren
Oud 03-07-2003, 09:20
Margriet
Avatar van Margriet
Margriet is offline
Citaat:
Kaas schreef op 02-07-2003 @ 22:12:
komt er nog meer?
hope so
xx
Ik hoop het ook... Heb het eerste deel gelezen en print zo het tweede deel ujit, maar kreeg echt tranen in mijn ogen...
*wacht op een derde deel*
__________________
~... Ik heb van je gedroomd vannacht. En we speelden dat we alles deelden...~
Met citaat reageren
Oud 03-07-2003, 10:13
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
Thnx Leonoor, daar heb ik wat aan! Zal het meteen verbeteren

En het derde deel komt er aan hoor...! Nog ffies geduld...

Kus Marit
Met citaat reageren
Oud 03-07-2003, 10:41
Nolita
Avatar van Nolita
Nolita is offline
jeej
__________________
GET OUT! GET OUT! GET OUT!
Met citaat reageren
Oud 03-07-2003, 10:42
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
Er zijn hier ook een paar van het fancy-forum, of niet?
Met citaat reageren
Oud 03-07-2003, 10:52
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
Die avond besluit Britt toch naar huis te gaan, haar vader is nu wel terug, dus ze zit niet alleen met haar moeder. ‘Bedankt voor jullie steun,’ zegt Britt als ze klaar staat om weg te gaan. ‘We zijn er voor je, dat weet je toch?’ zegt Christine. Britt knikt. Ze geeft Chris en Monique een knuffel, en slaat dan de deur achter haar dicht.
Als Britt thuis is, en de kamer binnenloopt, zit haar vader weer op de bank. ‘Waar is mama?’is het eerste wat Britt vraagt. Ze durft en wil haar moeder liever niet zien. ‘Die ligt op bed. Britt, ik heb gehoord wat er vanochtend gebeurd is. Je moet je er niet te veel van aantrekken. Mama is heel erg in de war, ze krijgt er ook medicijnen voor. Dus probeer een beetje mee te werken Britt, oké?’ Haar vader legt zijn hand op haar schouder. Britt knikt, hoewel ze het er niet helemaal mee eens is. Haar moeder hoeft toch niet van die kwetsende dingen tegen haar te zeggen? Ze is toevallig niet de enige die het moeilijk heeft! Dan bedenkt Britt zich dat Fenna thuis moet zijn. ‘Waar ligt Fenna?’ vraagt ze daarom voorzichtig. ‘Mama en ik hebben haar in haar eigen bed gelegd. Die kist vonden we helemaal niks.’ antwoordt haar vader. ‘Ik ga zo even bij haar kijken.’zegt Britt, en maakt aanstalten om naar boven te lopen. ‘Britt?’ Britt staat bij de deuropening en draait zich om. ‘Ja?’ Haar vader wacht een tijdje. ‘We gaan de komende tijd een moeilijke tijd krijgen, maar we redden het wel. We moeten in onszelf blijven geloven. Het gaat ons lukken.’ zegt hij na een korte stilte. Britt knikt even en loopt dan naar boven. Voor de kamer van Fenna blijft ze eventjes staan, voordat ze naar binnen gaat. Zachtjes opent ze de deur. Britt denkt terug aan de laatste keer dat ze hier was. Het is nog maar een paar dagen geleden, maar het lijkt al tijden geleden te zijn geweest, dat Fenna hier met koorts in bed lag en met spoed naar het ziekenhuis werd gebracht. Wat is het ontzettend snel gegaan, denkt Britt. Ze begrijpt er niks van. Als iemand een hersentumor heeft, duurt het toch altijd veel langer, en ze genezen toch ook heel vaak? Waarom Fenna dan niet? Waarom heeft Fenna nooit geklaagd over de hoofdpijn die ze zeker gehad moet hebben? Dan hadden ze haar misschien kunnen redden. Waarom heb ik er nooit wat van gemerkt? Britt weet dat ze op deze vragen nooit antwoord krijgt.
Langzaam loopt Britt naar Fenna’s bed. Daar ligt ze, haar kleine zusje. Onder haar lievelingsdekbed van Mickey Mouse, in haar lievelingspyjama. Alle uitdrukkingen op Fenna’s gezicht zijn weg. En toch lijkt Fenna gelukkig te zijn.
Britt vindt het stil in de kamer en besluit zachtjes muziek op te zetten. Bij het horen van Dikkertje Dap begint ze te huilen. Ze denkt aan de momenten dat ze met Fenna dit liedje zong. Het was één van de weinige momenten die ze hadden zonder ruzie. Ze denkt ook aan andere momenten met Fenna. Aan de momenten dat ze voor haar zusje opkwam als dat nodig was, als Fenna werd gepest door buurkinderen omdat ze er anders uitzag. Aan de momenten van grote ruzies, en dat Fenna dan ontzettend hard kon gillen en knijpen. Aan de momenten toen ze nog klein waren, en ze voor Fenna een hut ging maken, van doeken die ze over stoelen hing, en waar ze dan uren in kon spelen. Ze wilde er dan helemaal niet meer uit, en ze moest en zou in de hut blijven slapen. En aan de momenten dat Fenna altijd trots was op haar grote zus, op verjaardagsfeestjes bijvoorbeeld. Fenna mocht altijd een paar kinderen van het dagverblijf uitnodigen, en dan gingen ze video kijken, of verstoppertje spelen. Fenna wilde dan altijd beslist dat Britt mee deed, en iedereen moest duidelijk weten dat zij haar grote zus was. ‘Mijne tus,’ zei ze dan altijd trots.
Wel een half uur kijkt Britt naar Fenna, en luistert naar de muziek van Dikkertje Dap. Tranen glijden over haar wangen zonder dat ze het doorheeft.






De dagen tot de begravenis beleeft Britt nauwelijks. Het grootste deel van de dagen brengt ze in Fenna's kamer door. Zoveel mogelijk, omdat het straks niet meer kan, denkt Britt. Ze huilt nauwelijks meer, het lijkt net of het niet meer wil. Ze kàn niet meer huilen. Haar tranen zijn op. Eten doet ze nauwelijks, ze heeft geen honger, dus waarom zou ze dan iets eten?
Ze ontloopt haar moeder, en haar moeder ontloopt haar. Britt probeert haar vader te helpen met het regelen van de begravenis, maar dat valt haar erg zwaar. Het is moeilijk om een mooie kist uit te zoeken, en welke bloemen er moeten komen. Maar het allermoeilijkste is nog wel de muziek. Er moesten drie liedjes komen. Eén voor de begravenis, één tijdens de plechtigheid, en de laatste voor na de begravenis. Britt's moeder helpt helemaal niet mee met regelen. Ze slaapt bijna de hele dag, en komt er alleen af om bij Fenna te zitten. Britt mag van haar vader één liedje zelf uit kiezen. Het wordt "nooit meer een morgen" van Marco Borsato. Dat nummer vindt ze ontzettend mooi.
De dag vóór de begravenis is alles geregeld. Ze hebben Fenna in een witte kist gelegd. Voor de boeketten zijn veel rode en witte rozen gebruikt. Omdat Fenna dol was op paarden, heeft Britt geregeld dat Fenna wordt vervoerd in een eenvoudige witte koets met twee witte paarden ervoor. Een klasgenoot van je Britt, Jessie, had haar de koets en de paarden aangeboden. Jessie's vader werkt namelijk bij een bedrijf dat lijkwagens en andere vervoersmiddelen voor begrafenissen en crematies verzorgt.
De deurbel gaat, en Britt loopt naar de deur om hem te openen. Het is Alec. 'Hee Britt, mag ik binnenkomen?' vraagt hij. Britt knikt, en doet een stap opzij, zodat hij naar binnen kan gaan.
'Hoe gaat het met je?' vraagt hij, terwijl hij z'n jas aan de kapstok ophangt. Britt haalt haar schouders op. 'Met mijn moeder gaat het slecht. Ze is aan de medicijnen en ze ziet me niet meer staan. Ze is heel erg in de war.' zegt Britt. Alec kijkt haar aan. 'Dat vroeg ik niet, ik vroeg hoe het met jou ging.' zegt hij.
Britt begint te huilen.

Laatst gewijzigd op 03-07-2003 om 17:43.
Met citaat reageren
Oud 03-07-2003, 10:53
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
Dit is het laatste stukje voorlopig, ik ga zaterdag namelijk voor drie weken op vakantie...Hopelijk blijft het forum bestaan tot ik terug kom, en hopelijk blijven er mensen reageren!

Xus Mar
Met citaat reageren
Ads door Google
Oud 03-07-2003, 12:31
Maeglin
Avatar van Maeglin
Maeglin is offline
ooh, ik vinnut een heeel kick verhaal!! echt! ik kan ook niet wachtten totdat je um verder af maakt...

liefs Maeglin
Met citaat reageren
Oud 03-07-2003, 12:40
Verwijderd
Citaat:
tiram schreef op 03-07-2003 @ 11:52:
Fenna mocht altijd een paar kinderen van het dagverblijf uitnodigen, en dan gingen ze video kijken, of verstoppertje spelen.
En het is 'begrafenis' ipv 'begravenis'.
(Ik schreef het eerst ook altijd fout. )

(Ik heb je nick nu pas door, tenminste, dat denk ik Coole naam. )
Met citaat reageren
Oud 03-07-2003, 15:05
Nolita
Avatar van Nolita
Nolita is offline
Nog steeds mooi...
__________________
GET OUT! GET OUT! GET OUT!
Met citaat reageren
Oud 03-07-2003, 17:43
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
Ik zal het meteen ff verbeteren! Thnx!!!

En idd: tiram <-> marit

scherp hoor
Met citaat reageren
Oud 04-07-2003, 10:26
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
*kuch*
Met citaat reageren
Oud 16-07-2003, 07:19
Verwijderd
Citaat:
tiram schreef op 03-07-2003 @ 11:42:
Er zijn hier ook een paar van het fancy-forum, of niet?
Zeker
Met citaat reageren
Oud 17-07-2003, 13:16
guess what
Avatar van guess what
guess what is offline
erg mooi verhaal, herken er zelfs heel veel in. ben benieuwd naar vervolg!
__________________
All in the name of white trash
Met citaat reageren
Advertentie
Oud 17-07-2003, 14:19
Verwijderd
goh, nooit gedacht dat een verhaal me zo kan raken.. ik vind het erg mooi..!! ik ben benieuwd naar het vervolg!
Met citaat reageren
Oud 24-07-2003, 20:50
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
Heeee mensen...ben weer terug van vakantie... Ik weet niet wanneer ik verder schrijf, maar zodra ik weer wat heb, zet ik het er op!
Met citaat reageren
Oud 24-07-2003, 21:05
Shadowme
Avatar van Shadowme
Shadowme is offline
ik vind het een heel leuk verhaal. ik wacht op het vervolg
__________________
never send spam. that's bad. very bad
Met citaat reageren
Oud 31-07-2003, 16:35
lotjesnotje
Avatar van lotjesnotje
lotjesnotje is offline
waneer komt er meer?? *kijkt heel lief en smekent*
Met citaat reageren
Oud 05-09-2003, 22:47
Verwijderd
Ik ben benieuwd naar het vervolg. Je schrijfstijl is mooi, maar wel een erg droevig verhaal...
Ik neem aan dat het gaat om een persoonljike gebeurtenis en daarom wens ik je sterkte.

liefs, Hanne
Met citaat reageren
Oud 06-09-2003, 09:55
Eend
Avatar van Eend
Eend is offline
Tlijkt net echt...
__________________
Take my future, past, it's fine, but now is mine
Met citaat reageren
Oud 07-09-2003, 01:47
N*A*Shezbaernon
N*A*Shezbaernon is offline
Pff, das' geen verhaal, das' een NOVELL !

Nu ben ik ff te moe om het alles te lezen, en het lijkt mij wel zo fair om pas iets over te zeggen als ik weet waar ik het over heb ... maar het komt nog
__________________
Bloedserieus
Met citaat reageren
Oud 07-09-2003, 11:17
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
Citaat:
N*A*Shezbaernon schreef op 07-09-2003 @ 02:47:
Pff, das' geen verhaal, das' een NOVELL !

Nu ben ik ff te moe om het alles te lezen, en het lijkt mij wel zo fair om pas iets over te zeggen als ik weet waar ik het over heb ... maar het komt nog
Vreemd ook, om 3 uur 's nachts... Maarruh mensen...ik ben net begonnen met mijn studie en heb t dus vrij druk. Heb ook weinig inspratie de laatste tijd en daar komt nog bij dat ik ziek ben (probably ziekte van Pfeiffer...) Maar ik ga echt wel verder met het verhaal, het kan alleen wat langer duren...

Maar bedankt voor alle leuke reacties!!

Dikke kus, marit
__________________
marit. 18 jaren. 1730 mm. blauwe ogen. "rood". nadenkend. betrouwbaar. dromerig. heus lief. soms ook niet. vaak vrolijk. vaak niet. gewoon, 'n mens.
Met citaat reageren
Oud 08-09-2003, 22:16
Verwijderd
Wanneer komt je eerste boek uit???
Met citaat reageren
Oud 09-09-2003, 09:15
N*A*Shezbaernon
N*A*Shezbaernon is offline
Citaat:
tiram schreef op 07-09-2003 @ 12:17:
Vreemd ook, om 3 uur 's nachts...
Echt ... met zo'n omgekeerd dag/nachtritme IS het vreemd
__________________
Bloedserieus
Met citaat reageren
Oud 09-09-2003, 09:40
Unidentified
Avatar van Unidentified
Unidentified is offline
Kippenvel-verhaal ... . mooi marit, bedankt !
__________________
You have the right to remain silent ...
Met citaat reageren
Ads door Google
Oud 09-09-2003, 11:23
N*A*Shezbaernon
N*A*Shezbaernon is offline
Nou ... ik vind het mooi geschreven, ook heel sfeervol, zie sommige stukken helemaal voor mij. En, zoals Leonoor zei ... het BOEIT.

Er zijn wel hier en daar 'n paar foutjes of een beetje onhandig geschreven stukjes ... maar dat buiten gelaten ... Goed
__________________
Bloedserieus
Met citaat reageren
Oud 09-09-2003, 16:25
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
Citaat:
miewbeessie schreef op 05-09-2003 @ 23:47:
Ik ben benieuwd naar het vervolg. Je schrijfstijl is mooi, maar wel een erg droevig verhaal...
Ik neem aan dat het gaat om een persoonljike gebeurtenis en daarom wens ik je sterkte.

liefs, Hanne
Het is gelukkig niet waar gebeurd...!
__________________
marit. 18 jaren. 1730 mm. blauwe ogen. "rood". nadenkend. betrouwbaar. dromerig. heus lief. soms ook niet. vaak vrolijk. vaak niet. gewoon, 'n mens.
Met citaat reageren
Oud 09-09-2003, 20:39
Chaucus
Avatar van Chaucus
Chaucus is offline
Mooi, had tranen in mn ogen moet k bekennen...
Met citaat reageren
Oud 10-09-2003, 10:17
clubje
Avatar van clubje
clubje is offline
Ik heb nu geen tijd om heel het verhaal te lezen maar in het begin merkte ik al dat je soms verschillende tijden door elkaar gebruikt en dat je foutief de grammaticale regels voor dialogen toepast.

Ik lees het nog wel eens
__________________
Beminde Christen 't is beter of gistn| Under the sea, I'm not the only one who wonders what life would mean if we hadn't been disappointed in the sun.
Met citaat reageren
Oud 10-09-2003, 17:25
dyfusica
Avatar van dyfusica
dyfusica is offline
ontzettend mooi verhaal
Met citaat reageren
Oud 11-09-2003, 21:05
marla
Avatar van marla
marla is offline
Ik ben een moeilijk persoon als het gaat met verhalen die ik echt leuk vind, en dit verhaal vind ik echt een heel goed verhaal. Wow, dit is de eerste keer dat tranen in mijn ogen krijg als ik iets lees. Meestal heb ik dat alleen als ik tv kijk!
In ieder geval, ik hoop dat er heel snel nog meer komt!
__________________
Het is beter een kaars aan te steken dan de duisternis te vervloeken
Met citaat reageren
Oud 12-09-2003, 17:32
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
Citaat:
marla schreef op 11-09-2003 @ 22:05:
Ik ben een moeilijk persoon als het gaat met verhalen die ik echt leuk vind, en dit verhaal vind ik echt een heel goed verhaal. Wow, dit is de eerste keer dat tranen in mijn ogen krijg als ik iets lees. Meestal heb ik dat alleen als ik tv kijk!
In ieder geval, ik hoop dat er heel snel nog meer komt!
__________________
marit. 18 jaren. 1730 mm. blauwe ogen. "rood". nadenkend. betrouwbaar. dromerig. heus lief. soms ook niet. vaak vrolijk. vaak niet. gewoon, 'n mens.
Met citaat reageren
Oud 25-09-2003, 21:06
lotjesnotje
Avatar van lotjesnotje
lotjesnotje is offline
waneer komt er nou meer
Met citaat reageren
Oud 26-09-2003, 17:20
Verwijderd
Hoi hoi,

Ten eerste: let, zoals Leonoor al zei, alsjeblieft op je interpunctie. Dit bijvoorbeeld:

‘Hee meisje, hoe voel je je nou?’vraagt hij.

Tussen nou?' en vraagt hij moet een spatie. Anders staat het zo slordig.

Ten tweede: het onderwerp is wel boeiend, maar je schrijfstijl is nog lang niet goed. Je gaat wel de goede richting op (in het verhaal zelf kan je dat ook merken) maar het is nog te houterig en je gebruikt te vaak 'Britt' ipv 'zij' of 'ze' bijvoorbeeld.

Citaat:
Onderweg naar het ziekenhuis is het stil. De radio is uit, Britt zegt niks, en haar vader ook niet. Het lijkt een eeuwigheid te duren tot ze bij het ziekenhuis zijn. Als ze na een kwartier bij het ziekenhuis aangekomen zijn, lopen ze direct door naar de receptie.
Hoevaak kun je ziekenhuis gebruiken in zo'n klein stukje? dat moet je dus ook even veranderen.

In het begin is je stijl, de plaatsing van woorden, het geheel gewoon wat lomp. Ik zou zeker aanraden om in ieder geval het verhaal nog een keer door te lezen en alles waar je niet tevreden over bent herschrijven, al is het slechts de plaatsing van komma's en zo. Daar leer je niet alleen van, maar het komt het verhaal ook ten goede.

En even voor mijn eigen nieuwsgierigheid? Hoelang schrijf je al?
Met citaat reageren
Oud 26-09-2003, 18:09
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
Citaat:
Krummeltje schreef op 26-09-2003 @ 18:20:


Hoevaak kun je ziekenhuis gebruiken in zo'n klein stukje? dat moet je dus ook even veranderen.

drie keer


En even voor mijn eigen nieuwsgierigheid? Hoelang schrijf je al?
euhj...vanaf de datum dat ik dit verhaal begon te schrijven...

Maar bedankt voor je kritiek..!
Geen idee wanneer ik verder schrijf, maybe herfstvakantie Ik heb het giga druk nu dus kan niet de tijd vinden om verder te gaan...
__________________
marit. 18 jaren. 1730 mm. blauwe ogen. "rood". nadenkend. betrouwbaar. dromerig. heus lief. soms ook niet. vaak vrolijk. vaak niet. gewoon, 'n mens.
Met citaat reageren
Oud 26-09-2003, 18:47
Verwijderd
Citaat:
tiram schreef op 26-09-2003 @ 19:09:
euhj...vanaf de datum dat ik dit verhaal begon te schrijven...

Maar bedankt voor je kritiek..!
Geen idee wanneer ik verder schrijf, maybe herfstvakantie Ik heb het giga druk nu dus kan niet de tijd vinden om verder te gaan...
Ahoy,

Ik had al zo'n vermoeden dat je er nog niet zo lang mee bezig was... meestal is het niet zo dat je schrijfstijl zo drastisch verbeterd binnen een verhaal. In dit geval dus:

(waarom ben je eigenlijk niet eerder begonnen?)
Met citaat reageren
Oud 27-09-2003, 08:40
tiram
Avatar van tiram
tiram is offline
Citaat:
Krummeltje schreef op 26-09-2003 @ 19:47:
Ahoy,

Ik had al zo'n vermoeden dat je er nog niet zo lang mee bezig was... meestal is het niet zo dat je schrijfstijl zo drastisch verbeterd binnen een verhaal. In dit geval dus:

(waarom ben je eigenlijk niet eerder begonnen?)

Ja geen idee...als ik eerlijk moet zijn. Ik zat op een verhalen forum in die periode,en het leek me leuk om zelf ook een verhaal te gaan maken...en dit is het resusltaat...
__________________
marit. 18 jaren. 1730 mm. blauwe ogen. "rood". nadenkend. betrouwbaar. dromerig. heus lief. soms ook niet. vaak vrolijk. vaak niet. gewoon, 'n mens.
Met citaat reageren
Oud 05-10-2003, 19:24
Ferrum
Avatar van Ferrum
Ferrum is offline
Ik hoop snel meer te lezen, het is ontzettend ontroerend.
__________________
Herinner je gister, droom van morgen, maar leef vandaag...
Met citaat reageren
Oud 05-10-2003, 19:49
rare kwast
Avatar van rare kwast
rare kwast is offline
ff een heel kleinigheidje, tis niet echt van belang maar naar mijn weten wordt er niets meer tussen de tanden gedaan als mensen een epileptische aanval.
tenminste dat hebben wij geleerd dat niet meer te doen....
dit terzijde.

het is een onwijs mooi verhaal!
__________________
Humor is een prachtige waterlelie die wortelt in het troebele water van verdriet.
Met citaat reageren
Advertentie
Reageren

Topictools Zoek in deze topic
Zoek in deze topic:

Geavanceerd zoeken

Regels voor berichten
Je mag geen nieuwe topics starten
Je mag niet reageren op berichten
Je mag geen bijlagen versturen
Je mag niet je berichten bewerken

BB code is Aan
Smileys zijn Aan
[IMG]-code is Aan
HTML-code is Uit

Spring naar

Soortgelijke topics
Forum Topic Reacties Laatste bericht
Verhalen & Gedichten Een gedeelte uit mijn leven..
U*NiQ
3 28-09-2005 18:06
Verhalen & Gedichten [verhaal] Julie
Anne
1 31-05-2005 17:05
Verhalen & Gedichten afscheid...deel 1
nlblue-eyes
3 01-01-2005 15:07
Verhalen & Gedichten De beste titel voor mijn verhaal
duivelaartje
74 25-05-2004 09:10
Verhalen & Gedichten lees dit - zielig verhaaltje
Ronella
4 12-05-2004 17:50
Verhalen & Gedichten Heb jullie tips voor mijn verhaal?
Selina
7 10-12-2002 22:10


Alle tijden zijn GMT +1. Het is nu 07:06.