Oud 08-03-2003, 14:07
Nas-t Zeekoe
Avatar van Nas-t Zeekoe
Nas-t Zeekoe is offline
het spijt me van de lengte, maar ik hoop dat je er toch doorheen wilt lezen om te vertellen of het iets is..
ik heb een deel al eerder gepost maar dit is heel hoofdstuk 1 (2 en 3 komt later wel)





Waarom laat ze me nu niet gewoon even met rust. Ik word er zo moe van, dat ze constant met mij bezig is. Ik wil gewoon alleen zijn. In mijn eentje leven, gewoon alleen mijn leven bepalen. Daar heb ik haar niet voor nodig. Ze doet gewoon zo ongelooflijk moeilijk. Ik kijk haar aan. Met haar blik op vernietiging maakt ze aanstalten om mij weer een weekend thuis te laten zitten. Nu is het genoeg geweest. Ze moet gewoon even rustig doen en zichzelf niet lopen opfokken. Ik kan het echt allemaal wel zelf. Achttien jaar heb ik volgens haar moeten doen wat zij zegt. Wat ze denkt dat goed voor me is. Alsof zij alles weet.
Mijn moeder. Het is eigenlijk een vreselijk mens. Omdat mevrouw nog jong is denkt ze dat ze me begrijpt, denkt ze dat ze alles weet. Ze kan oprotten en weer een nieuwe partner zoeken. Hoeveel potentiële vaders hier aan de deur zijn geweest kan ik niet meer tellen, allemaal even glad en ze vonden mij allemaal even aardig. Dat gekwijl over school en of ik al een meisje heb. Morgen komt er weer eentje eten. En hij komt al een half jaar. Ik ben er zo misselijk van, zijn manier van praten, hoe hij mijn moeder zijn liefje noemt en hoe hij zo’n “mannen-onder-elkaar-knipoog” naar mij stuurt als hij weer iets grappigs zegt. Nu is het echt mooi geweest. Morgen eet ik bij Plank.
Ze maakt zich zorgen. Of ik niet te ver ga op dit moment, dat ik aan de drugs ben en niet meer naar school ga. Ik ga best naar school. Niet altijd. Nee. Meestal niet, maar ik ga echt wel. Ze moet gewoon niet zo zeiken, ik kan echt nog wel nadenken en ik weet waar ik mee bezig ben. Gewoon mijn leven aan het verneuken. Rot op, mam ik hoef dit allemaal niet te horen.
Ik zeg sorry en ga naar boven. Zo simpel is dat. Niet dat ik er veel mee bereik, morgen krijg ik weer een dagelijkse preek, maar nu hoeft het niet meer. Gewoon excuses voor het feit dat ik besta, een glimlach en ik ben weg. Gelukkig is ze niet zo’n moeilijk mens dat ze bloemen nodig heeft om verder te kunnen leven. Dan had ik geen geld meer over.
Deur op slot, licht uit, muziek aan en over de golven van de bas zweef ik op mijn wiet weg. Het leven is zo verschrikkelijk mooi. Toch wel.
Zana, ik zie haar. Mijn Zana, ze raakt me aan en ik verdwijn in het groen van haar ogen. Niemand die Zana ooit heeft meegemaakt weet welke magie er in haar zit, niemand weet wat ze kan zonder ook maar iets te doen. Niemand voelt wat ik voel als de wind haar naam fluistert. Ze komt terug, ik voel de tinteling van haar huid door mijn zenuwen trekken, ze is zo dichtbij, ik kan haar aanraken en ik laat haar nooit meer los. Haar zelfverzekerdheid omvat me en ik vind geen uitweg meer. Ik stik en sterf in haar borsten. Een dood die zo mooi en zo zwart is, niemand neemt die van mij af. Elke keer als ik de betovering van mijn Zana voel, sterf ik, in haar. Zana, waar ben je.
En dan breekt het. Zana breekt. Zana is weg. Door de rook hoor ik de deur. Kut. Mijn moeder.
“Jesse, telefoon, Joost”
Het is Plank. Hij krijgt het voor elkaar om elke keer te bellen als ik juist niet gebeld moet worden. Als hij hoort dat ik op mijn bank lig te roken schiet hij in de lach. Waarom ik wel en hij niet. Dat is heel simpel. Omdat ik wel en hij niet. Of ik morgen kom eten.
Daarom houd ik zo van die jongen. Ik geloof niet in telepathie, maar hij voelt precies aan wat ik denk en wil. Sterker nog, hij doet precies wat ik denk en wat ik wil. Hoe lelijk hij ook mag zijn, zijn kop lijkt nog het meest op dat van een pitbull, zonder hem had mijn leven helemaal geen zin. Mijn leven heeft geen zin, niemand zijn leven heeft zin, je wordt geboren en gaat weer dood, maar zonder Plank was mijn leven zelf al dood. Ik kan nu doorleven en soms lachen, met Plank om mij heen heb ik geen last van de preken die ik dagelijks krijg. Hij is de enige op deze wereld die ik vertrouw en die blijft. Plank gaat niet weg, hij vindt mij ook aardig en zal altijd een vriend voor mij zijn. Totdat hij begraven wordt. Dan ga ik met hem mee.

Plank. De brugklas. Mijn ergste schooljaar dat ik ooit heb gehad. Allemaal blije kindjes die allemaal zo vrolijk waren op hun nieuwe school en ik die bijna uit elkaar knalde van ingehouden woede. Ik merkte het ook meteen. Ik was anders, ze vonden mij anders en dat lieten ze anders goed merken. Ik hing overal buiten, niemand praatte tegen me of vroeg of ik kwam buiten spelen. Alsof mij dat ook maar iets kon schelen. De enige die ik nog een beetje mocht was Micky. Als ik aan haar denk dan krijg ik het bij voorbaat al koud. Micky, een meisje met een grote bek, ze speelde basgitaar en ze had groen haar. Groen haar dat vond ik pas echt geweldig. Wel lelijk, ze zag er niet uit, maar ik had ontzag voor haar. Iedereen had respect voor haar en het mooie was, zij voor helemaal niemand. Micky, meteen in de eerste bleef ze zitten en halverwege dat schooljaar moest ze weg. Of ze nou te agressief was, of gewoon te dom, ik weet het niet. Ik heb haar in ieder geval sindsdien nooit meer gezien.
Micky, ze was niet alleen de enige die tegen mij praatte, ze was ook de enige die naar me luisterde. Ik was zelfs de enige tegen wie ze aardig was.
Met Micky begon ik met roken. Zij was mijn rookmaatje en wij brachten elke pauze buiten samen door, of het nou vroor of redelijk weer was we waren altijd bij het bankje te vinden, niet dat iemand zich daarvoor interesseerde, niemand wilde er toch bij komen staan en ze durfden het al helemaal niet. Een meisje met groen haar, dat is wel erg eng.
Micky had op een dag ineens een vriendje. Ze wilde hem aan mij laten zien. Het feit dat ze trots op haar verovering was droop van haar gezichtje af.
We stonden buiten op straat, bij ons bankje, te stoppen met roken. Micky was toch wel een klein beetje verliefd hij was zo gaaf enzo, zo boeiend en ook nog met inhoud, maar niet heel erg vreselijk knap en ik zou hem wel aardig vinden want dat voelde ze aan en ik moest maar gewoon even wachten gezellig op haar liefje.
“Kijk Jesse, daar komt hij aan”
Vol afschuw en ongeloof zag ik wat daar aan kwam fietsen. Het was zwart, het was toch wel stoer, maar het was vooral wazig. Micky werd als een soort spaghettisliert naar hem toe gezogen en daar stonden ze dan. Het ding en Micky. Als je er een foto van zou maken zou iedereen schrikken die het zag. Een schriele jongen met een pitbullkop, pikzwart geverfd haar een lange jas, stond als een aanhangsel innig verstrengelt met een stevig meisje met haar haar in de kleur groen waar je hoofdpijn van kreeg. Even zoenen en weer los.
Ik stak mijn hand uit naar Joost. Van het kwam geen reactie. Verstard, compleet roerloos keek hij stoned voor zich uit. Ik wist niet wat ik moest doen. Misschien was hij gewoon verlegen, maar dat kon het ook niet zijn. Verlegen jongens hebben niks met Micky.
“Hallo?”
Het reageerde gewoon niet. Alsof het zich absoluut niet interesseerde voor de sociale omgeving van zijn Micky. Ik wist mezelf geen houding te geven, maar het respect voor deze jongen groeide per seconde. Het enige wat ik kon doen deed ik ook. Ik keek. Ik keek gewoon naar Joost, die ik in mijn hoofd al Plank had genoemd, ik keek en prentte alles in mijn hoofd wat ik zag. Zijn ogen. Toen schrok ik pas echt. Hij kon maximaal vijftien zijn, maar in zijn ogen zag ik dingen die je in vijftienjarige ogen niet hoort te zien. Ik zag verborgen pijn en desinteresse voor de hele wereld. Walging en teleurstellingen. Ik herkende meteen zoveel, dat ik in een klap mijn eigen leven kon verklaren. Twee bolletjes in een gezicht vertelde mij waar ik al zo lang naar op zoek was. Ik wist wie ik was, mijn hele identiteit kon ik uit zijn ogen halen en mijn visie op de wereld kon ik eindelijk verwoorden. Mensen zijn achterlijk, daar kwam alles wat ik dacht uiteindelijk op neer. Blauwe ogen. Knalblauwe ogen die zo vreselijk uit zijn grauwe uiterlijk sprongen dat ze op mijn netvliezen gebrand waren en wat ik ook deed, ik kreeg ze niet weg. Voordat ik mezelf kwijlend aan zijn voeten zou werpen deed ik, mezelf herstellende, een poging iets te zeggen wat indruk zou maken.
“Voor het geval je ooit nog aan mij zult denken, Plank, ik ben Jesse.”
Dat was het enige wat ik tegen hem zei, maar dat was het enige wat ik had moeten zeggen.
“Plank?” Hij keek op, keek me aan, zijn hele negatief over zijn jukbeenderen gespannen gezicht veranderde en hij glimlachte. Naar mij. Vanaf dat moment heette hij Plank.
“Jou ga ik vaker zien,” zei hij en na een zuigsessie met Micky reed hij weg.
“Mick, waar heb jij in godsnaam deze jongen vandaan? Ik mag hem wel. Ruilen?”
Ik hield haar mijn pakje sigaretten voor en keek zo smekend dat ze naar mijn idee niet kon weigeren, ook al zou ze dat willen.
Micky begon te lachen en vertelde me dat ze hem ook wel leuk vond, maar dat hij wel erg wazig was. Hij had alleen van die lieve blauwe oogjes, waar ze helemaal in “weg kon zinken”. Verder stelde hij vrij weinig voor, hij was alleen maar heel erg principieel en overal op tegen. O ja hij rookte ook wiet, dat vond ze best wel gaaf. Had ze zelf ook wel eens geprobeerd.
Een dertienjarig meisje, dat er uitzag als wandelend gras, rookte wiet met haar vriendje. Dat ik op mijn twaalfde begonnen was met het roken van sigaretten vond ik al stoer. Ik dacht dat ik rokend aan de wereld en dan vooral mijn klas, kon laten zien dat ik anders was en me van niemand iets aan trok. Dat was niet helemaal gelukt. Iedereen rookte.
Wiet. Ineens groeide mijn verlangen. Ik was bijna veertien en wilde iets doen met mijn leven.
“Mick, ik ga met jullie mee. Wiet roken bedoel ik.”
Ik weet het nog goed.
Op een vrijdagavond ging ik met Micky mee, haar ouders waren nooit thuis en we konden doen wat we wilden. Plank kwam langs en hij had een zakje bij zich. Of iemand sigaretten had. Ik begreep hier helemaal niets van maar gaf mijn pakje en hij draaide van het groene spul uit dat zakje en tabak uit mijn sigaret een joint. De geur alleen al draaide rond in mijn hoofd en ik voelde me goed.
“Stevig zuigen en diep inhaleren.”
Ik deed wat Plank zei en schrok. Ik merkte helemaal niets, de smaak was anders en het zag er mooi uit, maar het effect waar Micky het over had bleef weg. Ik werd wel slomer en had nergens meer zin in, maar van de grote verhalen die Micky me vertelde, over hallucinaties en andere troep merkte ik niets. Waar bleef godverdomme die lachkik. Ik was het hele pokke-eind naar Micky gefietst om stoned te worden en nu kon ik net zo goed naar huis gaan. Plank had medelijden, of iets wat daar op lijkt, dus hij kon wel een sterkere draaien. Hij ging zijn gang maar, ik had toch niets beters te doen.
We waren om halftien begonnen, de tijd ging verder en stond uiteindelijk stil. Mijn agressieve bui was weg, mijn sigaretten waren weg, Plank zijn wiet was weg, mijn moeder was weg, de klas was weg, de ozonlaag was weg, seks was weg, Jezus was ook weg, het stoplicht in de straat van mijn buren was weg, dan was het stoplicht in mijn straat ook weg, Plank was weg, Micky was weg. Ik was weg.
Mijn moeder was boos. Of ik haar niet even had kunnen bellen dat ik bleef slapen en wat had ik trouwens gedaan. We hadden helemaal niets gedaan, niets boeiend in ieder geval wat ik aan haar moest vertellen. Ik was gewoon vergeten te bellen en als ze dat niet accepteerde was dat haar probleem, want ik ben maar een gewoon mens, en, wat ze mij altijd zei als ze me weer eens vergeten was, vergissen is menselijk.
Ik wist zeker dat ik vanaf dat moment mijn vrienden had gevonden. Wat ik die avond gevoeld had vond ik heerlijk en de enige mensen met wie ik dat kon delen waren mij vrienden. Wat klonk dat toch mooi. Vrienden voor het leven en voor wiet. Voor altijd mijn vrienden.
Ik had niet helemaal gelijk. Micky verdween, helaas, helaas uit mijn leven en van de hele aardbol, maar Plank bleef. Micky miste ik niet, op het feit dat ze groen haar had na, stelde ze niet veel voor. De enige reden dat ik met haar omging was dat zij de enige was die tegen me praatte en dat ik met groen mijn hele leven al een speciale band heb.
Plank is nog steeds. Al vijf jaar. Alles samen. Ik weet alles van hem en hij weet alles van mij.
Hij denkt dat hij alles van mij weet.
Niet alles. In feite weet hij niets.
Zana. Die naam heeft Plank nog nooit gehoord. Ik heb hem nooit iets verteld en hij weet ook niet wat ik kwijt ben. Ik ben Zana kwijt. Zana is kwijt en weg en verdwenen en komt nooit meer terug. Waar ze heen is zal mij een zorg zijn, dat weet ik niet en kom ik toch nooit achter. Ik zal haar nooit vinden, ook al weet ik op de lengtegraden exact waar ze is, onbereikbaar blijft ze, voor de rest van mijn leven. Waarom ze weg is weet niemand en niemand komt daar ooit achter, want niemand weet, niemand weet verdomme dat ze bestaat.
Nu moet ik echt ophouden, elke keer als ik boven op mijn kamer zit komt ze weer uit mijn binnenste bovendrijven en voel ik haar door me heen stromen. Ik moet iets doen, als ik hier blijf liggen word ik gek, heb ik vaker meegemaakt. Dan raak ik zo gefrustreerd van het feit dat ze niet meer is en ben ik tot de raarste dingen in staat. Ik sta op en ga toch maar naar beneden.
Had ik niet moeten doen. Ik loop de huiskamer binnen en daar zit dat wat ik precies vanavond niet had moeten zien. Vanaf de bank kijkt een man me stralend aan.
“Dag jongen,” zegt hij. O mijn god, mijn moeder heeft haar allesvlam op bezoek.
Jan-Diederik heet hij, die naam zegt al genoeg. Toen mijn moeder ging vertellen dat ze een nieuwe liefde had met de naam Jan-Diederik kreeg ik een vreselijke lachstuip waar ik na heel veel cola met verschrikkelijk buikkrampen van bijkwam. Het probleem begon pas toen hij daadwerkelijk op bezoek kwam. Mijn buikkrampen schoten naar mijn keel en ik kon geen zinnig woord meer uitbrengen. Ongelooflijk, hij heette niet alleen Jan-Diederik, maar hij zag er nog precies zo uit ook. Met een wazig verhaal ben ik het huis uitgerend om die avond bij Plank zoveel te roken dat ik het woord Jan-Diederik niet meer kon uitspreken in de hoop dat mijn moeder twee dagen later wel zou inzien dat hij toch nét niet helemaal bij haar paste.
Dat gebeurt altijd, ze komen, blijven heel even en verdwijnen. Net als mijn vader. Ze ziet ze nooit meer terug. Dus ik mijn vader ook niet. Jammer zeg.
Ik maakte me niet druk om deze heerlijke Jan-Diederik, twee weekjes en we zien hem nooit meer terug. Dacht ik.
Die eikel komt nu al een half jaar bij ons en hij doet zo onopvallend duidelijk zijn best om een goede vader voor mij te zijn. Altijd dat zelfde gezeur. Als ik een vader nodig had ging ik mijn eigen wel opzoeken, daar heb ik geen Jan-Diederik voor nodig. Alsof ik te stom ben om een spoorloos-achtige zoekactie te starten in de hoop mijn vader te vinden. Ik heb mijn achttien jaar goed gered zonder vader, dus die heb ik niet nu ineens nodig.
“En, hoe is het met onze knul.”
Nu gaat hij verdomme ook nog tegen mij praten. Hier kom ik nu niet onder uit. Plank is vanavond op bezoek bij zijn ouders. Gezellig zeg. Vanavond zit ik thuis, alleen, dus ik zal mijn kotsneigingen moeten bedwingen en vrolijk meepraten.
“Goed.”
“Oh, dat is mooi, en op school?”
‘Goed.”
“En met die ene jongen, hoe heet hij ook alweer, Joost toch?”
“Goed.”
“Wat heb ik je eigenlijk lang niet gezien zeg, heb je nog leuke dingen meegemaakt? Toen ik zo oud was als jij deed ik heel veel leuke dingen.”
“Goed.”
Ik zie mij moeder kijken. Vanuit haar stoel kijkt ze me aan. Als blikken konden doden zou ik nu uiteenvallen in allemaal kleine stukjes as. Dat zou wel iets hebben, de hele grond vol rotzooi en mijn moeder maar vegen. Dan maakt zij ook nog wat leuks mee. De hele avond naar dat gezeik van die Jan-Diederik moeten luisteren is volgens mij erger dan je zoon bij elkaar vegen. Die zoon verneukt toch alles. Er gebeurt niks, ik val niet uit elkaar en ik voel ook geen kogel door mijn kop raggen. Mijn moeders blikken kunnen mij blijkbaar niet doden.
“Trek het je niet aan, liefje, het is gewoon de puberteit, toen ik zo oud was als hij was ik ook tegendraads en misschien nog wel veel erger.”
Mijn maag draait zich om en ik sta meteen op. Puberteit. Flikker toch op man, dat ik jou niet aardig vind heeft niks, helemaal niets met welke puberteit dan ook te maken. Ik kijk naar mijn moeder in de hoop een klein beetje steunbetuiging in haar ogen te vinden, maar ze lacht klef naar haar geliefde en ik zie haar denken dat hij altijd alles toch zo tactvol en verstandig kan oplossen.
Ik heb ineens vreselijk medelijden met mezelf, de hele avond moet ik nog naar zijn kop staren en morgen komt hij weer. Dan zullen ze in het weekend wel bij hem zitten. Lekker neuken zonder een vervelende puberzoon om je heen. Flitsflits plan door mijn hoofd.
Dit weekend wordt beter… geen moeder en geen vent om mij heen… Beetje zuipen, beetje blowen en de hele mensheid even fictief neerhakken. Misschien ook nog wat stukjes van ons huis, maar dat is niet mijn probleem. Kan mijn moeder toch nog vegen. Ik blij, zij blij, iedereen blij. Als ik Plank straks even bel komt het allemaal wel goed denk ik en waarschijnlijk wordt het dan nog gezellig ook.
Plank heeft van die vriendinnen. Van die meisjes met littekens in hun armen van de vreselijke dingen die ze denken meegemaakt te hebben en die altijd teveel zuipen. Schizofrene sletten. Toch zijn ze in een weekend wel leuk gezelschap. Ze weten mij en Plank uitstekend te vermaken, dat ze echt heel zielig zijn doet er op zo’n avond helemaal niet toe. Dronken toestand vervaagt ellende en maakt alles mooi. Soms gaan ze een beetje dood en zijn ze niet gezellig meer. Dan moeten Plank en ik die wijven, want dat zijn ze als ze in een alcoholcoma liggen echt, naar boven krijgen om ze daarna op mijn moeders bed neer te pleuren. Is niet niks, ze zijn allemaal zwaarder dan ze denken, vooral flink zwaarder dan ze zeggen en zonder enige medewerking is het bijna niet te doen zo’n kind naar boven te tillen. Na een weekend alleen thuis heb ik altijd blauwe en paarse plekken op mijn lijf van het vele vallen van de trap. We hebben thuis onderaan de trap een heerlijk kastje staan, met van die scherpe hoeken, daar komt het litteken boven mijn rechteroog ook vandaan. Als ik veel gezopen heb is dat vallen niet zo erg. Ik voel niets, lach alleen maar en de aanblik op mijn moeders bed is zeker die moeite waard. Slapende meisjes, bovenop en naast elkaar, met de vreemde blik van dronken mensen nog in hun gesloten ogen. En hoppa, de volgende erbij. Vooral ‘s ochtends is dat heel gezellig wakker worden… vier van die meisjes die de alcoholadem van de rest ruiken en zich kotsend afvragen hoe ze in godsnaam in dat bed terecht zijn gekomen.
“Jesse, nu je toch staat, zou je even thee willen zetten?” Op haar semi-vriendelijke toontje vraagt ze of ik voor haar en die kwal even thee wil zetten. Wat denkt ze nou helemaal, maar voordat ik mijn mond kan openen om haar even vriendelijk te verzoeken heel gauw naar Canada te emigreren, staat Jan-Diederik al op.
“Gaat maar lekker zitten jongen, jullie scholieren hebben het al druk genoeg. Ik ben zo terug en dan gaan we lekker met zijn drieen bijpraten.” Zoals gewoonlijk wacht hij mijn antwoord niet af en huppelt naar de keuken. Wij scholieren. Ik vraag me toch eigenlijk wel heel erg af of je ook scholier bent als je nooit naar school gaat.
“Ik ben blij dat hij wel aardig tegen jou is, een beetje meer sympathie van jou kant kan echt geen kwaad. Ik weet wel dat jij bot geboren bent, dat heb je van je vader, maar doe gewoon je best. Hij bedoelt het goed.”
‘Ja mama, tuurlijk mama, voor jou altijd.’ Ik ben bot geboren. Een botte hengst. Dat heb ik van mijn vader, net als al mijn andere slechte eigenschappen. Elke keer als ik iets doe wat mijn moeder niet bevalt ligt dat aan mijn vader, of ik nou bot ben, niet kan spellen, of er maanden over doe te leren fietsen, het is allemaal de schuld van de grote vreselijke man, mijn vader. Mijn goede eigenschappen, dat is simpel, die heb ik van mijn moeder. Mijn moeder heeft geen slechte eigenschappen, daar is ze heilig van overtuigd. Daar zijn we dus meteen bij slechte eigenschap nummer een. Denken dat je perfect bent, is een fout in je hersenen die behoorlijk slechte karaktertrek veroorzaakt en dat ze vreselijk dom is heeft ze niet door, daar is ze te stom voor. Achtendertig jaar is ze, maar ze voelt zich twintig. Jammer voor haar dat ze eruit ziet als achtenvijftig.
En daar is Jan-Diederik weer, op een gebloemd dienblad, wat al jaren achterin de kast ligt weg te rotten, zeult hij thee en koekjes naar de kamer. Ik kijk naar mijn moeder en glimlach. Volgens Plank ben ik met dit lachje net een koe en dat is nu niet zo erg. Ik een koe, mijn moeder ook een koe.
“Heb je dat net helemaal klaargemaakt, daar gaan we eens lekker van genieten.” Ik ga mijn spelletje maar weer spelen. De ideale zoon uithangen, om alles lachen, zelf grapjes maken en ó zo gezellig. Het leuke is, mijn moeder heeft me door en dan heeft ze een groot dilemma. Wat kan ze doen, tegen me zeggen dat ik moet ophouden. Dan zegt ze eigenlijk dat ik moet ophouden met aardig zijn tegen haar Jan-Diederik en dan wordt haar lieve zoontje weer in een klap de chagrijn die zo vreselijk op zijn vader lijkt. Dat verpest de gezellige sfeer en het is vreeslijk zielig voor Jan-Diederik, want die doet al zo zijn best, dus ze zal wel weer kiezen voor optie twee, niets zeggen en meespelen. Gewoon keihard net doen alsof haar neus bloedt. Dus uiteindelijk speelt ze mee met het voor lul zetten van haar geliefde hobbelpaard.
“Wat doe je nu eigenlijk op school.” Vraagt Jan-Diederik die zijn knusse plaatsje op de bank weer heeft ingenomen, met het roze kussen op zijn schoot.
“Op school? Eigenlijk niks.” Ik kijk hem stralend aan, onze lieve Jan-Diederik lacht vrolijk om mijn grap, natuurlijk net iets te hard en hij kijkt me aan met een blik van “wij-gaan-je-moeder-even-pesten”. Die vent is stommer dan hij zelf denkt. Hij denkt dat ik dingen zeg om mijn moeder te dissen. Doe ik ook, maar niet met hem erbij. Als hij er is wordt er maar één persoon gedist, Mister Jan-Diederik himself. Pas als hij weg is, dan is lieve mama weer aan de beurt. Hij heeft er ook echt geen flauw idee van dat ik echt geen fuck uitvoer. Hij denkt dat ik een verstandige Vwo-leerling ben die gemotiveerd zijn perfect geplande huiswerk op tijd af heeft en het nog leuk vindt ook. Hij moest eens weten. Ik glimlach wel even naar die paardenbek van hem, dan heeft hij weer en fijne avond. Twee koeien en een paard, in een huiskamer, dat is pas grote woensdagavondlol. Ik ben heel knap, zegt hij vaak, een hele mooie jongen. Er zullen vast wel heel veel meisjes verliefd op mij zijn, ze kunnen vast niet van me afblijven. Vroeger was Jan-Diederik ook knap, hij had soms wel twee vriendinnen te gelijk. Vandaar dat hij nu mijn moeder neukt. Hij vroeger knap, hij komt echt uit de tijd iemand nog knap was als hij op een paard, nee, op een shetlandpony leek.
Ik schiet in de lach, nu moet ik niets laten merken, anders willen ze weten waar ik aan dacht, het lijkt me niet zo verstandig om dat nu te gaan zeggen. Ik concentreer me op mijn gezicht en doe mijn best mijn gezicht in zijn normale vorm te houden, in mijn koeienglimlach. Ik ben zo hard met mezelf bezig dat ik niet door heb wat er om me heen gebeurd. Pas als mijn moeder hoest, recht op gaat zitten en mij vernietigend aan kijkt, heb ik het door. Mijn moeder is boos.
“Nee, inderdaad, je doet helemaal niks. Je zit de hele dag met een chagrijnige rotkop op je kamer allerlei troep te roken en ik ben het nu spuugzat! Jij gaat morgen gewoon naar school en de rest van het jaar ook! Jij gaat dit jaar over en je slaagt voor je eindexamen, doe je dat niet, heb je er schijt aan en wil je mijn huis uit? Best! Een ding moet je wel weten. Ga je hier weg zonder diploma dan zul je geen studie- of woninggeld van mij zien. Je mag hier komen omdat je me misschien een keer wilt zien, dat vind ik zelfs leuk, maar geen cent zal ik dan nog aan jou besteden.”
“Mam, doe nu heel even normaal…” Ik probeer haar te onderbreken, ze moet even rustig doen want er is niets aan de hand, ik ben alleen maar Jan-Diederik aan het pesten en heb haar toch niets gedaan. Het gaat echter een beetje mis. Ze wordt roder dan de bank, springt op, verheft haar stem en begint te schreeuwen. Mijn moeder, ze schreeuwt.
“Nu moet jij eens goed luisteren! Je bent verdomme achttien en je gaat je verantwoordelijkheden nemen, als jij hier wilt blijven wonen vind ik dat goed, maar ik weet dat jij hier weg wilt. Als jij gaat, zonder enig toekomstperspectief, ga ik al het voor jou gespaarde geld zelf uitgeven en jij krijgt niks. Misschien denk je dat je wel even een baantje neemt en dat mijn geld niet uitmaakt, maar dan heb je het hier wel compleet bij het verkeerde eind. Ga maar even met studenten praten, vraag maar hoe diep zij in de schulden staan en vraag verdomme maar eens hoe vaak zij geld van hun ouders krijgen en proberen te krijgen.
Ik ga niet de rest van je leven jou geklooi betalen! Als jij niets wilt doen? Fijn! Maar dan zonder mijn hulp!”
Ze loopt de kamer uit, Jan-Diederik rent heel hard achter haar aan en ik blijf stil achter. Heel stil. Ach ze stelt zich gewoon aan. Maar kut zeg. Zo is ze normaal nooit.
__________________
dus...
Met citaat reageren
Advertentie
Oud 13-03-2003, 19:43
Kip187
Avatar van Kip187
Kip187 is offline
Waaw vette wending op het einde echt heel onverwachts, die monoloog van die moeder is echt vet herkenbaar. Ze zet hem echt voor een blok, ben benieuwd wat hij ermee gaat doen.

ik heb hem uitgeorint en wat dingetjes aangestreept geef ik je morgen wel. Wil meer lezen ! xx kip
__________________
Een appel is geen peer.
Met citaat reageren
Oud 13-03-2003, 20:06
Kip187
Avatar van Kip187
Kip187 is offline
moest etene dus had geen lange reactie....
knap hoe je je schrijfstijl vasthoud, ik merk dat je nog steeds van die leuke Nas-eige dingen hebt ff een voorbeeld

"dit is weg dat is weg alles was weg mamma was weg plank was weg" en mamma was boos.. om gelachen

ook die mister Jan diederik himself was kwel. like your style.
maar ja das natuurlijk persoonlijk

ga door en geef het aan mij om te lezen voor de miljoenste keer
kritiek krijg je morgen... ik merk dat ik het bij de tweede keer lezen pas zie, omdat ik er de eerste keer helemaal inzit...
__________________
Een appel is geen peer.
Met citaat reageren
Oud 20-03-2003, 23:02
Maresa
Avatar van Maresa
Maresa is offline
In het begin... mwoh, niet echt helemaal met de stijl eens... maar twordt al snel duidelijk dat die stijl echt goed bij het verhaal past. Heel sterk geschreven! Complimenten!
__________________
Now it's said.
Met citaat reageren
Oud 22-03-2003, 17:43
Mustang_Sally
Avatar van Mustang_Sally
Mustang_Sally is offline
je schrijf-stijl past inderdaad heel erg goed bij het verhaal. die korte zinnen geven de onverschillige gedachtengang echt mooi weer. ik vind het echt geweldig hoe je alles beschrijft... die gevoelens die hij heeft voor zana enzo... waw! het hele verhaal is gewoon zo fantastisch mysterieus mijn complimenten
__________________
mais oui! / wie zijde gij?
Met citaat reageren
Oud 23-03-2003, 16:45
Angeles
Angeles is offline
Leuk verhaal, ik ben benieuwd naar het vervolg.
Met citaat reageren
Oud 23-03-2003, 19:15
passenger_temp
passenger_temp is offline
snel,,, zit!! beweeg je handen naar je toetsenbord en schrijf!!
__________________
Here I lay, still and breathless..
Met citaat reageren
Oud 28-03-2003, 21:47
Nas-t Zeekoe
Avatar van Nas-t Zeekoe
Nas-t Zeekoe is offline
oooh thnx veel mensen!!!! ik heb al wel meer thuis, maar ik weet niet of ik dat ga posten, het wordt allemaal zoveel he...
ik ben wel blij dat het aanslaat, dat had ik niet zo erg verwacht... joepie!
ik heb in ieder geval weer inspiratie.. ah ik post straks nog wel n stukje...
en trouwens ik heb alweer heel veel gewijzigd, omdat er toch veel fouten inzitten, maarja.. nu ben ik gewoon even blij!
__________________
dus...
Met citaat reageren
Oud 29-03-2003, 13:57
Bikinie-meisje
Avatar van Bikinie-meisje
Bikinie-meisje is offline
erg leuk
__________________
ik stel naaktslapers boven pyjamamensen en ik geloof heilig dat alleen naaktslapers een evenwichtig leven kunnen leiden
Met citaat reageren
Advertentie
Reageren

Topictools Zoek in deze topic
Zoek in deze topic:

Geavanceerd zoeken

Regels voor berichten
Je mag geen nieuwe topics starten
Je mag niet reageren op berichten
Je mag geen bijlagen versturen
Je mag niet je berichten bewerken

BB code is Aan
Smileys zijn Aan
[IMG]-code is Aan
HTML-code is Uit

Spring naar

Soortgelijke topics
Forum Topic Reacties Laatste bericht
Verhalen & Gedichten Zana
Nas-t Zeekoe
12 30-01-2003 15:18


Alle tijden zijn GMT +1. Het is nu 12:42.