Bedankt voor jullie commentaar en complimenten!

Ik weet dat dit gedichtje eigenlijk veel te veel metaforen bevat, maar ik wil het niet veranderen. Het gaat me er ook niet om dat het duidelijk of van een hoog niveau is, maar meer of ik er zelf iets mee kan (noem het asodichten).
Ik schrijf dit soort gedichtjes namelijk in mijn dagboek.
Ik heb daardoor al een hele hoop symbolen bedacht die telkens terugkomen. Zo staat geel voor de zon, het plezier en de trein. Paars staat voor letterlijke of figuurlijke kou; van de kou krijg je immers paarse lippen.
Ik had er inderdaad zelf ook al last van dat er twee keer 'hart' stond, zo vlak achter elkaar. Ik ga het denk ik veranderen in "jouw buik siddert als een slang".
"De stilterammelaars om je heen / je doet ze niet te horen" staat inderdaad wat vreemd, maar ik weet niet zo goed hoe ik dat kan veranderen. Ik wilde eigenlijk zeggen: je doet alsof je de stilterammelaars om je heen niet hoort. Misschien hebben jullie nog suggesties?